Begaafd de wereld verkennen

News

Depressie en tekort aan vitaminen

Posted by Tineke on May 15, 2011 at 5:39 AM Comments comments (1)


Depressieve mensen blijken lagere foliumzuurconcentraties te hebben dan niet-depressieve personen. Dit blijkt uit wetenschappelijk onderzoek onder Amerikanen. Eenderde van de mensen met zware depressie hebben een tekort aan foliumzuur en behandeling met deze vitamine leidt tot een grotere kans van slagen van reguliere behandelingen van depressie zoals het gebruik van antidepressiva.

Ook een sterk gebrek aan vitamine B12 kan de oorzaak zijn van zware depressie. Dit verband is echter minder sterk dan het verband tussen depressie en foliumzuur. Een mogelijk verband tussen foliumzuur en vitamine B12 kan zijn de relatie met het homocysteïnegehalte. Dit homocysteïne is een natuurlijk stofwisselingsproduct in het menselijk lichaam dat vrijwel meteen na het ontstaan ervan weer wordt afgebroken. Wanneer het niet snel genoeg wordt afgebroken en de concentratie ervan in het lichaam stijgt dan kan dit leiden tot een heel scala aan problemen, waaronder depressie. Foliumzuur en vitamine B12 zijn samen met vitamine B6 en TMG (betaïne) nodig voor een efficiënte afbraak van homocysteïne. Bij een tekort aan één van deze stoffen zal de homocysteïnespiegel dan ook stijgen.

Of in het geval van een depressie het hoge homocysteïnegehalte de boosdoener is of dat het alleen een indicator is voor een te lage foliumzuurstatus is tot op heden nog niet bekend. Mogelijk heeft foliumzuur een directe preventieve invloed op depressie.

Natuurlijke bronnen van foliumzuur zijn onder andere fruit, groenten en granen. Bij een al aanwezige depressie is het gebruik van een foliumzuur-supplement naast gezonde voeding aan te raden. Beter is om een goede multivitamine te gebruiken van één van de betere merken. Deze bevat ook voldoende foliumzuur en daarnaast alle andere voedingsstoffen waarvan velen ook nodig zijn voor een goede gemoedstoestand. Daarnaast kan het gebruik van alleen foliumzuur een vitamine B12-tekort maskeren. Bij een tekort aan vitamine B12 ontstaat een afwijkend bloedbeeld, maar wanneer er extra foliumzuur wordt ingenomen dan zal dit afwijkende bloedbeeld niet ontstaan. Bij een langdurig vitamine B12-tekort ontstaat onherstelbare neurologische schade en dus is het verstandig om foliumzuur nooit alleen te gebruiken maar altijd in de vorm van een goede multivitamine of in de vorm van een supplement dat zowel foliumzuur als vitamine B12 bevat.

Er is ook een grote groep mensen die genetisch vatbaar is voor een foliumzuurtekort. Bij deze groep mensen laat de activering van foliumzuur te wensen over en als gevolg hiervan hebben zij voor eenzelfde werking méér foliumzuur nodig. Foliumzuur kan echter door iedereen zonder problemen permanent worden gebruikt in de vorm van een supplement, mits óók vitamine B12 wordt ingenomen.


Depressie en tekort aan vitaminen

 

Vitaminen helpen uw lichaam op verschillende manieren. Veel mensen zijn zich er niet van bewust dat vitaminen niet alleen belangrijk zijn voor het lichaam, maar ook een cruciale rol spelen bij de gezondheid en het functioneren van de geest. Wanneer u uw depressie wilt aanpakken zonder het gebruik van medicijnen, dan kan het helpen om meer te weten over het verband tussen vitaminen en uw geest.

 

Een depressie kan het leven van iemand ruïneren wanneer het niet wordt behandeld. Vitaminesupplementen kunnen u helpen uw depressie aan te pakken op een manier die gezond is voor uw lichaam. Op die manier hoeft u geen medicijnen te gebruiken.


Vitamine B-complex

 

Vitamine B is niet een enkele soort vitamine, maar bestaat uit een hele groep vitaminen. Vitamine B-complex is cruciaal voor de gezondheid van de geest en van uw emotionele gezondheid. Omdat vitaminen uit de B-groep niet voor later gebruik kunnen worden opgeslagen in uw lichaam, is het belangrijk dat u elke dag B-vitaminen in uw voedsel heeft. Dit betekent dat u eventueel vitaminesupplementen moet gebruiken om het tekort aan vitamine B aan te vullen. B-vitaminen geven uw geest weer energie en zijn belangrijk voor de aanmaak van hormonen die depressie tegengaan. Kijk uit met alcohol en suiker. Alcohol en suiker breken namelijk de B-vitaminen af. 


Vitamine C

 

Ook vitamine C is erg belangrijk in uw strijd tegen de depressie. Hoewel een gezond niveau van vitamine C gemakkelijker is te bereiken dan het geval is bij vitamine B, kan het geen kwaad om extra vitamine C in te nemen via uw voedsel of via vitaminesupplementen. Er zijn gevallen waarin u gemakkelijk een vitamine C tekort kunt krijgen:

  • Na een operatie
  • Tijdens ziekte
  • Wanneer u veel stress heeft

Het risico om een depressie op te lopen is groter tijdens de bovenstaande gebeurtenissen / momenten.


Calcium, magnesium en zink

 

Calcium, magnesium en zink zijn mineralen die u kunnen helpen in uw strijd tegen uw depressie. Er bestaan tabletten die calcium, magnesium en zink bevatten.


Conclusie

 

Iedereen heeft te maken met het innemen van genoeg vitaminen en mineralen. Er is geen mens die zonder de juiste vitaminen en mineralen kan. Vitaminen en mineralen zijn belangrijk voor de gezondheid van lichaam en geest en voor uw emotionele gezondheid.

 

De belangrijkste vitaminen en mineralen om depressie tegen te gaan zijn:

  • Vitamine B / Vitamine B-complex
  • Vitamine C
  • Calcium, magnesium en zink

 

 


mbvBron: Depressie en tekort aan vitaminen | Mens en gezondheid | Gezonde voeding


Wie heeft vaak een tekort aan vitaminen en welke risico's zijn hieraan verbonden?

Posted by Tineke on April 27, 2011 at 4:00 PM Comments comments (0)

Wie heeft vaak een tekort aan vitaminen en welke risico's zijn hieraan verbonden?

Tot de groepen waarvoor de vitaminevoorziening mogelijk te kort schiet, behoren onder meer kinderen, zwangere vrouwen, maar ook migranten (vitamine B2 en vitamine D), macrobiotisch gevoede kinderen (vitamine B12 en D), rokers (vitamine C), mensen met een hoog alcoholgebruik (vooral B1) en veganisten (vitamine B12).

 

Senioren vormen een potentiële risicogroep omdat ze relatief weinig eten, terwijl de vitaminebehoefte gelijk blijft aan die van jongere volwassenen.

 

Een veel voorkomend probleem bij senioren is een gestoorde maagdarmfunctie zoals atrofische gastritis, waardoor de opname van vooral vitamine B12 en foliumzuur verstoord wordt. Eveneens vraagt het relatief hoge geneesmiddelengebruik van senioren aandacht, dit omwille van eventuele nadelige invloed op de opname van vitaminen uit de voeding. Zulke medicijnen zijn onder andere bepaalde antibiotica, laxeermiddelen, anticonvulsiva (tegen epilepsie), chemotherapeutica (celdelingsremmende middelen), kalmeringsmiddelen, pijnstillers, diuretica, en isoniazide (gebruikt bij tbc).

 

Alhoewel veel vrouwen zich er niet van bewust zijn, heeft de menstruele cyclus een sterke invloed op de voedingsbehoeften. Het vrouwelijk lichaam vereist hierdoor de nodige portie vitaminen (vit. B12, vit. B11, vit. C en vit. E).

 

Voor de bovengenoemde risicogroepen kunnen extra vitaminen, naast een normale gezonde voeding, zinvol zijn. Daarnaast zijn extra vitaminen nuttig voor diegenen die, om welke reden dan ook, geen gezonde, evenwichtige voeding tot zich nemen en daardoor riskeren dat ze niet voldoende vitaminen opnemen.

 

Een dergelijke marginale vitaminestatus is veelal alleen via bloed- en/of urineonderzoek aan te tonen en kan gepaard gaan met aspecifieke klachten over vermoeidheid en lusteloosheid.

 

Vitamine A Gevolgen bij tekorten:

- Nachtblindheid

- Een droge en schilferige huid en/of dof haar

 

Vitamine B1 Gevolgen bij tekorten:

- Afwijkingen van hart- en zenuwstelsel

- Oedeemvorming, acidose

- Concentratiestoornissen en geestelijke vermoeidheid (studenten, managers, zware geestelijke arbeid, sporters)

- Bij zware alcoholdrinkers: ernstig geheugenverlies, verlies van tijdsbesef, blijvende hersenschade

 

Vitamine B2 Bij personen die weinig melkproducten eten kunnen tekorten ontstaan.

Gevolgen bij tekorten:

- Kloofjes in de mondhoeken en een ontstoken tong

- Bij ernstig tekort: rode schilferige huid rond oren, ogen en neus

 

Vitamine B3 Tekorten komen weinig voor, tenzij bij mensen met eiwittekort (vaak senioren).

Gevolgen bij tekorten:

- Huidaandoeningen, diarree, dementie, schizofrenie

- Overgewicht, in combinatie met chronisch tekort aan chroom

- Vermoeidheid, slechte spijsvertering

- Gewrichtsontstekingen, hoofdpijn, slecht humeur

 

 

Vitamine B5 Tekorten komen nauwelijks voor.

Gevolgen bij tekorten:

- Ontstaan van hypoglycemie, hoofdpijn, duizeligheid, vermoeidheid, versnelde hartslag, huidaandoeningen

- Bij langdurige tekorten: hevige pijnen in de voeten (begint met tintelende handen en voeten)

 

Vitamine B6 Tekorten komen weinig voor (tenzij bij ouderen en stressgevoelige mensen).

 

Gevolgen bij tekorten:

- Ernstige tekorten vertonen zich in zwakte, slapeloosheid, huidafwijkingen, zenuwaandoeningen, verminderde weerstand.

- Alcoholici: méér nood aan vitamine B6 (snel tekort aan B1, B6, vitamine C en foliumzuur)

- Samen met Vitamine B12 en foliumzuur: nodig om homocysteïne laag te houden (atherosclerose)

 

 

Vitamine B8 Tekorten komen weinig voor.

Gevolgen bij tekorten:

- Ongezonde huid en dof haar (brokkelig)

- Eczeem op het gelaat en het lichaam, oververmoeidheid

- Aantasting van de vetstofwisseling: overgewicht

 

 

Vitamine B11 Tekorten komen nauwelijks voor, tenzij bij mensen die zéér weinig groenten en fruit eten.

Gevolgen bij tekorten:

- Bij zwangere vrouwen: neuraalbuiseffecten. Vrouwen met een kinderwens wordt geadviseerd om elke dag 0,4 of 0,5 mg foliumzuur extra te nemen, en dat ten minste vier weken voor de conceptie tot acht weken erna.

- Ernstige tekorten: bloedarmoede, darmstoornissen, vermoeidheid

- Gevoeliger voor infecties en verminderd immuunsysteem

- Gewichtsverlies, diarree, zwakte, depressies, epilepsie

- Hogere gevoeligheid voor sommige kankers

- Ernstige tekorten: bloedarmoede, darmstoornissen, vermoeidheid

 

 

Vitamine B12 Bij ouderen: gestoorde opname in de maag door verminderde zuurproductie of verminderde productie van de Intrinsieke Factor in de maag.

Gevolgen bij tekorten:

- neuropsychiatrische afwijkingen (depressie), verhoogd risico op hart- en vaatziekten.

- Algemeen: pernicieuze anemie; dementie; geheugenverlies.

- Bij gestoorde opname: ziekten van de dunne darm.

 

 

Vitamine C Tekorten komen weinig voor.

Gevolgen bij tekorten:

- Bij ernstige tekorten: gewichtsvermindering, verminderde weerstand, slapeloosheid, grote vermoeidheid en reumatische klachten

 

 

Vitamine D Kinderen tot 7 jaar vormen een risicogroep wat betreft vitamine D.

  • Ouderen hebben vooral extra vitamine D nodig omdat het vermogen om zelf vitamine D aan te maken in de huid (onder invloed van zonlicht) afneemt met de leeftijd.
  • Allochtone ouderen met een donkere huidskleur maken van nature al minder vitamine D aan.
  • Voor vrouwen is een dosis van 10 microgram per dag is noodzakelijk na de menopauze.
  • Ouderen van 65-75 jaar die weinig in de buitenlucht komen en alle ouderen vanaf 75 jaar worden geadviseerd een vitamine D-supplement te gebruiken van 7,5-10 mg per dag. Een tekort aan vitamine D verstoort de botmineralisatie. Dit kan bij volwassenen leiden tot osteomalacie.

Gevolgen bij tekorten:

- Onvoldoende inbouw van calcium in de beenderen bij kinderen of beenverweking bij volwassenen.

- Osteoporose; risico op breuken bij ouderen.

 

 

Vitamine E Tekorten komen weinig voor (tenzij bij oudere mensen en rokers)

Gevolgen bij tekorten:

- Kans op accumulatie is klein en nooit aangetoond (alhoewel vetoplosbaar)

- Bij grotere tekorten: bloedarmoede, spierdegeneratie, nadelige effecten op sommige geslachtshormonen

- Grotere kans op hart- en vaatziekten en bepaalde kankers.

 

Vitamine K Vitamine K is essentieel voor de vorming van protrombine, dat zorgt voor een goede bloedstolling en zodoende bloedingen voorkomt of beperkt in het geval van kwetsuren.

Bij ernstige tekorten kan glutenintolerantie optreden, spruw en ontstekingen van de dikke darm. Ook aanhoudende en ernstige diarree kan wijzen op een tekort aan vitamine K.

 

Bron:http://www.seniorennet.be/Dossier/Vitaliteit/vitaminen_tekort.php

Vitamine B12

Posted by Tineke on March 17, 2011 at 4:35 PM Comments comments (0)

Vitamine B12

 

Tekort aan vitamine B12

 

Vitamine B12 is op zoveel systemen in het lichaam van invloed, waardoor een deficiëntie (=tekort) zich bij iedereen anders uit. Waar de één met name last heeft van vermoeidheid, tintelingen, geheugenverlies en spierkrampen, heeft een ander problemen met zich concentreren, een ontstoken tong, menstruatieklachten en depressiviteit.

Wel zijn er een aantal klachten die vaker voorkomen, zoals: een ontstoken of dikke tong, het koud hebben, psychische problemen, neurologische klachten en verlies van eetlust. Een vitamine B12 deficiëntie is sluipend en het kan jaren duren voordat de symptomen en klachten zich ontwikkelen en voordat ze ernstig worden. Bij onverklaarbare neurologische klachten, glossitis, concentratieproblemen of psychische problemen zou daarom altijd de B12 serumwaarde getest moeten worden. Raadpleeg altijd uw huisarts, als u last hebt van één of meerdere klachten uit onderstaande opsomming.

Neurologisch: Tintelingen, doof gevoel, brandend gevoel in armen, benen, handen en/of voeten ("mieren lopen"), zenuwpijn, uitvalsverschijnselen, concentratiestoornissen, dementie, geheugenproblemen, niet op de juiste woorden kunnen komen, "dubbele tong" (=Afasie), verkeerde woorden gebruiken, verspreken, onverklaarbaar vallen, of ergens tegen aan lopen, "dronkemansgang" (=Ataxie), verlies van positiegevoel, onhandig zijn, dingen uit je handen laten vallen, dingen omgooien, struikelen, moeilijk lopen, benauwdheid op de borst, hartkloppingen, versnelde hartslag, kortademigheid, fasciculaties (spiertrillingen, samentrekking van een klein deel van een spier, onwillekeurige bewegingen, onrustige benen.

Psychisch: Depressie, dementie, nervositeit, psychose, paranoia, geïrriteerdheid, "kort lontje", stemmingswisselingen, prikkelbaarheid, verwardheid, gedragsveranderingen, spierpijn en krachtsverlies, ontstoken tong, branderige, pijnlijke of prikkelende tong, gevoelige mond, vermoeidheid, concentratie problemen, slaperigheid, sufheid, zwakte, misselijkheid, verlies van eetlust, gewichtsverlies, menstruatieklachten, zoals uitblijven menstruatie, hevige menstruatie, te lange menstruatie, verergerde menstruatiepijn, Diarree (met enige regelmaat),

Overig: Gewrichtsklachten, kortademigheid, benauwdheid, hartkloppingen, Duizeligheid, bleekheid van de huid, koud hebben, impotentie, onvruchtbaarheid, haaruitval, wazig zien, darmklachten, incontinentie en/of vaak plassen, hoofdpijn Glossitis (pijnlijke tong, z.g. biefstuktong), duizeligheid, flauwvallen, droge huid, bleekheid, geelverkleuring huid en oogwit, hyperpigmentatie, spontane blauwe plekken, gewichtsverlies (verlies van eetlust, verlies van smaak/reuk), Hypertone blaas (plas niet op kunnen houden), infecties (een verhoogde kans op vaginale- en urineweginfecties), groei- en ontwikkelingsachterstand bij kinderen, tijdens de zwangerschap tot neuraalbuis defecten en hartafwijkingen bij het kind.


Hoe ontstaat een tekort aan vitamine B12:

Er bestaan vele oorzaken voor een tekort aan vitamine B12. Deze zijn onder te verdelen in 4 categorieën: verminderde inname (geen/te weinig dierlijke producten), een gestoorde opname, aangeboren stoornissen in het metabolisme, en gestoorde benutting. Ook is het mogelijk dat er bij één persoon meerdere oorzaken naast elkaar aanwezig zijn. Sommige oorzaken zijn vrij eenvoudig te achterhalen, in andere gevallen kan dat erg moeilijk zijn. De meest voorkomende oorzaak van een vitamine B12 tekort is een verstoorde opname in het maagdarmkanaal. Ook mensen die gedurende een langere tijd helemaal geen dierlijke producten gebruiken, zoals veganisten, kunnen een vitamine B12-tekort ontwikkelen. De meeste oorzaken zijn niet weg te nemen, waardoor levenslange behandeling nodig is. De verschijnselen van een tekort aan vitamine B12 treden vaak pas na jaren op, omdat het lichaam van deze vitamine een voorraad aanlegt. Bij een tekort aan vitamine B12 kan minder DNA worden aangemaakt, dat nodig is als lichaamscellen zich vermenigvuldigen. Vooral bloed- en zenuwcellen vermenigvuldigen zich snel, en daar zijn de effecten van een tekort dus het eerst te merken. De verschijnselen van de bloedarmoede zijn onder andere vermoeidheid. De verschijnselen op de zenuwcellen zijn tintelingen en gevoelloosheid in de ledematen. Deze verschijnselen ontstaan pas na enkele jaren vitaminetekort. B12 wordt grotendeels opgeslagen in de lever. Een tekort aan vitamine B12 kent men vooral bij veganisten. Echter, na het stoppen van vitamine B12 inname kan het nog 3 jaar duren voordat een tekort zich kenbaar maakt; het lichaam kan dus enkele jaren op een goede B12-voorraad teren.

Een tekort aan vitamine B12 ontstaat ook als iemand geen intrinsic factor (een glycoproteïne) maakt. Dit is bijvoorbeeld het geval na een operatieve verwijdering van een deel van de maag. In zo'n geval zijn B12-injecties nodig om het tekort op te heffen. Ook kan het voorkomen dat het lichaam antistoffen tegen deze vitamine maakt, waardoor de opname door het lichaam wordt geremd. Een tekort leidt uiteindelijk tot een vorm van bloedarmoede (pernicieuze anemie) en neurologische gevolgen zoals tintelingen in de vingers (paraestesie), geheugenverlies, coördinatiestoornissen (ataxie) en spierzwakte in de benen.

Pernicieuze anemie betekent letterlijk: een verderfelijke (ernstige) vorm van bloedarmoede. De ziekte "pernicieuze anemie" staat echter voor iets anders: een stofwisselingsziekte waardoor er geen intrinsieke factor wordt aangemaakt of werkzaam is, met als gevolg een B12 gebrek met als gevolg een bepaald type bloedarmoede. Een ander woord voor pernicieuze anemie is de ziekte van Addison-Biermer. Een overschot van foliumzuur kan een tekort aan vitamine B12 maskeren. Deze vorm van bloedarmoede wordt niet altijd ontdekt. Vooral ouderen kunnen last krijgen van een vitamine B12 gebrek als hun stofwisseling stoornissen gaat vertonen. Door het gebrek aan vitamine B12 wordt de vorming van rode bloedcellen verstoord. Hierdoor kan men erg vermoeid raken. Tekorten aan vitamine B12 kunnen ontstaan door deficiënte voeding, namelijk te weinig dierlijke producten, maar ook door een verworven defect in de opname van vitamine B12 (pernicieuze anemie). Bij bloedarmoede door gebrek aan vitamine B12 of aan foliumzuur zijn de bloedcellen die men nog heeft meestal te groot; bij ijzergebrek juist meestal te klein. Bij een lage inname van B12 wordt er minder van uitgescheiden en wordt de ervan absorptie verhoogd. Hierdoor kan een tekort aan B12 soms voor 20 tot 30 jaar uitgesteld worden. Hierdoor kan het bij veganisten die geen supplementen nemen verschillende jaren duren voordat ze symptomen van een B12-tekort ontwikkelen.

Personen met psychische stoornissen, eet- of slaapproblemen, alcoholici en ouderen lopen kans op een B12-tekort. Omdat B12 een rol speelt in veel enzymatische processen in ons lichaam is het moeilijk om alle mogelijke symptomen van lage B12 -waarden te noemen. Enkele voorbeelden zijn: uitzonderlijke vermoeidheid, verteringsproblemen, verminderde eetlust en misselijkheid. B12 functioneert in heel nauwe samenwerking met foliumzuur en het gebrek aan één van beide voedingsstoffen kan een aantal dezelfde symptomen veroorzaken. Een grote hoeveelheid foliumzuur in de voeding kan de symptomen van een B12 tekort verbergen.


Veganisten:

Bij mensen die helemaal geen dierlijke producten gebruiken, zoals veganisten, is er een grote kans op een tekort aan vitamine B12. Een tekort aan vitamine B12 ontstaat ook als iemand geen Intrinsic Factor maakt, een eiwit dat door de maag wordt gemaakt en onmisbaar en voor de opname van vitamine B12 in de dunne darm zorgt. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn na operatieve verwijdering van een deel van de maag. In zo'n geval kunnen alleen vitamine B12-injecties het tekort opheffen. Ook kan het voorkomen dat het lichaam antistoffen tegen deze vitamine aanmaakt waardoor de opname door cellen in het lichaam wordt geremd. Bij ouderen komt nog wel eens een tekort aan vitamine B12 voor. De oorzaak hiervan is een gebrek aan Intrinsic Factor of een maagaandoening: atrofische gastritis. Atrofische gastritis begint meestal met een verminderde maagzuurproductie waardoor bacteriën in de maag terechtkomen en spijsverteringsproblemen veroorzaken. Hierdoor worden de B-vitamines onvoldoende in het lichaam opgenomen. Het voedingspatroon kan wèl een rol spelen bij veganisten en - in mindere mate - vegetariërs. Met name veganisten krijgen in het geheel geen dierlijke producten binnen en dus geen vitamine B12. Wel leeft algemeen het idee dat er ook vitamine B12 zit in bepaalde plantaardige producten. De plantaardige vorm van vitamine B12 kan echter door het menselijk lichaam niet gebruikt worden, aangezien het vitamine B12 analogen zijn. Analogen lijken op vitamine B12, maar zijn geen actieve vorm van de vitamine, en kunnen de werking van de eigenlijke vitamine B12 in de cellen blokkeren. (spirulina is een bekend voorbeeld).

Vegetariërs maken zich terecht zorgen over B12, al bestaat er hiervoor een zeer gemakkelijke oplossing. Vroeger was het niet moeilijk om voldoende van deze vitamine binnen te krijgen. In culturen met plantaardige diëten, groeien de micro-organismen die B12 produceren in de bodem en blijven zij aan de wortelgroenten hangen. Traditionele Aziatische miso en tempeh bevatten grote hoeveelheden B12. Maar met de industrialisatie van de produktie en door verbeterde hygiëne, werd deze bron van B12 uitgeschakeld. Vlees-eters krijgen B12 door de micro-organismen die leven in het vlees dat zij opeten.

Omdat je lichaam B12 opslaat en dus een voorraadje heeft, wordt een tekort pas na lange tijd merkbaar. Je lichaam gebruikt eerst dus de voorraad op. Een tekort leidt uiteindelijk tot een vorm van bloedarmoede (pernicieuze anemie) en neurologische gevolgen zoals tintelingen in de vingers (paraestesie), geheugenverlies, coördinatiestooornissen (ataxie) en spierzwakte in de benen. Deze klachten kunnen in bepaalde gevallen ook voorkomen zonder afwijkingen in het bloedbeeld.


Behandeling:

Omdat vitamine B12 op een ingewikkelde manier wordt opgenomen, afwijkend van alle andere vitaminen en mineralen, kan in dit traject van opname en metabolisme het nodige fout gaan. Daarom is de oorzaak van het tekort niet in alle gevallen aantoonbaar en nagenoeg nooit te herstellen. Bij een tekort aan vitamine B12 dienen bij de dokter de alarmbellen te gaan rinkelen.

Verder is deze vitamine bijzonder omdat een gezond mens een voorraad B12 (vooral in de lever) voor minstens drie jaar heeft. Vanwege de grote voorraad zal een gezond iemand niet gauw klachten krijgen door een tekort, uitgezonderd mensen die langdurig geen voedsel gebruiken dat van dierlijke herkomst is (veganisten). Als het vitaminegebrek ontstaat door een slechte opname, dan moet het via een injectie worden toegevoegd. Het heeft dan geen zin om het via tabletten in te nemen.

Door het slikken van hooggedoseerde pillen (1000 tot 2000 microgram per dag) is het mogelijk om ook zonder intrinsic factor voldoende B12 binnen te krijgen. De opname geschiedt in dat geval via diffusie. In Nederland zijn injecties echter gebruikelijker.

De eerste stap in het stellen van de diagnose is het testen van serum B12. Voor een vollediger beeld kan dit worden aangevuld met HB, MCV, erytrocyten, leucocyten en trombocyten.

Een vitamine B12 deficiëntie kan voorkomen zonder anemie en zonder verhoging van MCV!

Bij bloedarmoede dienen ook altijd meteen ferritine en foliumzuur geprikt te worden, naast de serum B12, zodat meteen meer duidelijkheid gegeven kan worden waardoor de bloedarmoede kan zijn ontstaan. Bij een goede waarde van de MCV en een lage serum B12 waarde, is het aan te raden om ferritine te testen, aangezien een ijzertekort een verlaging van de MCV geeft (een vitamine B12 tekort geeft vaak, maar niet altijd, een verhoging van de MCV).

De diagnose zou niet moeten afhangen van afwijkende hematologische waarden. Macrocytose bijvoorbeeld is niet specifiek voor een vitamine B12 tekort, en ook bloedarmoede komt niet zo vaak voor als eerder werd aangenomen. De schatting is, dat als hemoglobine, hematocriet en MCV normaal zijn, 30% van de mensen met een vitamine B12 tekort gemist wordt. Indien een vitamine B12 tekort is ontstaan door een veganistisch voedingspatroon, is er meestal geen sprake van een opnamestoornis (een opnamestoornis is ook dan echter niet uitgesloten). In dat geval zijn injecties niet direct noodzakelijk. Het verdient echter aanbeveling om het tekort aan vitamine B12 zo snel mogelijk te verhelpen om blijvende schade te beperken. Bij lage waarden zijn injecties de beste en snelste oplossing. Deze injecties hoeven dan echter niet levenslang te worden gebruikt. Na aanvulling van de lichaamsvoorraad d.m.v. de oplaaddosis en eventueel nog een paar extra injecties, kan worden overgegaan op het slikken van vitamine B12 supplementen. Deze zijn in de meeste gevallen geschikt voor een veganistische levenswijze.

Voor voeding en supplementen bij een tekort van vitamine B12,

Vitamine B12 - voeding en supplementen

 

De Gezondheidsraad heeft de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid vitamine B12 voor volwassenen (22-50 jaar) vastgesteld op 2,8 microgram per dag.

Het Vitamine Informatie Bureau hanteert een richtlijn van maximaal vijf keer de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) per dag.

Vitamine B12 is vooral aanwezig in vlees, vis, eieren, melk en kaas. Een gebrek aan vitamine B12 door bijvoorbeeld een veganistisch dieet komt maar zeer zelden voor, en alleen na vele jaren van verminderde inname van dierlijke producten. Wanneer een tekort aan vitamine B12 wordt geconstateerd, worden veel patiënten doorverwezen naar een diëtist. Het tekort aan vitamine B12 wordt vaak geweten aan een verkeerd voedingspatroon. Dit is echter meestal niet het geval. Wie regelmatig dierlijke producten inneemt, zoals vlees, vis, eieren en zuivel, krijgt voldoende vitamine B12 binnen. Ook wie vitaminesupplementen slikt, met daarin vitamine B12, krijgt voldoende vitamine B12 binnen. Indien de waarde van vitamine B12 desondanks te laag is, is er zeker sprake van een opnamestoornis.

Bij een onvoldoende inname van vitamine B12 accumuleren stofwisselingsproducten, zoals homocysteïne en methylmalonzuur. Ook het aanwezige foliumzuur kan niet (voldoende) gebruikt worden. Om dit te voorkomen moeten dus vitamine B12 supplementen geslikt worden. Ook zijn er diverse veganistische produkten op de markt waaraan vitamine B12 is toegevoegd.

Micro-organismen, voornamelijk bacteriën, zijn de enige organismen waarvan we weten dat ze B12 produceren. In ons spijsverteringskanaal huizen naar schatting zo'n 400 à 500 verschillende soorten bacteriën. Onder hen vallen ook de B12-producerende bacteriën. Er wordt aangenomen dat bacteriën in onze darmen variërende hoeveelheden biologisch actieve (bruikbare) vormen van vitamine B12 kunnen aanmaken. Echter, deze B12-producerende bacteria blijken vooral in het laatste deel van het darmkanaal te zitten, helaas niet hoog genoeg om ervoor te zorgen dat de vitamine nog geabsorbeerd kan worden.

Naast voldoende inname van B12 via de voeding, is de opname van groot belang. Voor voldoende opname van deze vitamine zijn voldoende calcium, foliumzuur en de zogenaamde "intrinsieke factor" (een eiwit afgescheiden door maagcellen, noodzakelijk voor de opname van B12 in de dunne darm). nodig. Hier houdt het echter niet op. Verschillende andere voedingsstoffen moeten in ideale verhoudingen aanwezig zijn in het lichaam om te verzekeren dat de opgenomen B12 vervolgens ook naar de weefsels getransporteerd wordt, en dat de vitamine ook werkzaam kan zijn bij de vele enzymatische functies waarvoor ze vereist is. Een gevarieerd voedingspatroon is dan ook noodzakelijk om alle benodigde voedingsstoffen binnen te krijgen.

De consumptie van alcohol vergroot de behoefte aan vitaminen B12, evenals roken en het nemen van slaappillen. Iedereen die regelmatig alcohol drinkt, rookt of slaapmiddelen neemt, heeft behoefte aan vitaminen B12.

De consumptie van alcohol vergroot de behoefte aan vitaminen B12, evenals roken en het nemen van slaappillen. Iedereen die regelmatig alcohol drinkt, rookt of slaapmiddelen neemt, heeft behoefte aan vitaminen B12.


SUPPLEMENTEN:

Veganisten worden aangemoedigd om voedsel te eten dat verrijkt is met vitamine B12 of om regelmatig supplementen te nemen om hun B12 op peil te houden. Cyanocobalamine is de vorm die het meest voorkomt in vitaminetabletten, terwijl hydroxycobalamine typisch gebruikt wordt voor B12-injecties. Tabletten en capsules zijn verkrijgbaar bij drogisten en natuurvoedingswinkels. Ze bevatten echter vaak dierlijke ingrediënten, zoals gelatine, maar wanneer het een volledig diervrij product betreft, staat dat vermeld op de verpakking. De volgende aanbevolen dagelijkse hoeveelheden zou de B12 status van veganisten op peil moeten houden.

1,5 - 2,5 µg, tweemaal per dag, uit B12-verrijkte voedingsmiddelen

10 - 100 µg, eenmaal per dag, uit een supplement

Hogere doseringen dan 1.000 µg zijn niet zinvol, want die worden niet opgenomen. Een tablet van bijvoorbeeld 1.000 µg kun je gerust in vier stukjes delen. Supplementen die énkel B12 bevatten zouden het efficiëntst zijn. Daarnaast kun je producten gebruiken die verrijkt zijn met vitamine B12 zoals sommige sojaproducten en ontbijtgranen (check de verpakking).

Het is niet verstandig om meer vitamines te slikken dan de Dagelijks Aanbevolen Hoeveelheid, zeker niet als je ooit kanker hebt gehad. Raadpleeg bij pillen met hogere dosis eerst jouw huisarts.

Veganisten die geen vitamine B12 supplementen slikken, lopen het risico op een vitamine B12 tekort. Onvoldoende inname van vitamine B12 kan ook van invloed zijn op een gezonde zwangerschap (uit onderzoek is gebleken dat een verhoogd homocysteïne gehalte onder meer kan leiden tot spontane abortus, spina bifida, pre-eclampsie en trombose). Wanneer borstvoeding wordt gegeven, krijgt de zuigeling eveneens te weinig vitamine B12 binnen, hetgeen onder meer kan leiden tot groeistoornissen, vermindering van cognitieve vermogens en een verhoogde kans op osteoporose.


Vitamine B12 en veganisten

Vitamine B12 zit vrijwel uitsluitend in dierlijke producten. Veganisten doen er daarom goed aan deze vitamine aan te vullen door middel van een supplement. Gistextract, zoals Marmite, is een niet-dierlijke bron van B12 en kan ook alsaanvullingworden genomen.Maar: een hoeveelheid van 100 gram gistextract levert echter nog niet de helft van de dagelijkse behoefte van een volwassene. Bovendien gebruikt men in de praktijk slechts enkele grammen gistextract per dag. Algen en zeewieren bevatten een op vitamine B12 lijkende stof, maar deze stof heeft geen vitaminewerking.

Het vitamine B12-tekort veroorzaakt de klachten en dit tekort is bijna altijd een gevolg van de ziekte van Addison-Biermer (klassieke benaming: Pernicieuze Anemie), dus door een tekort aan Intrinsic Factor en/of aanwezigheid van IF-antistoffen. De klachten komen niet altijd en niet in dezelfde volgorde en mate voor. Voor de klachten maakt niet uit waardoor het B12-tekort is ontstaan.

Al zijn gevallen van B12 deficiëntie (tekort) zeer ongewoon, het is toch belangrijk om te zorgen voor een goede, betrouwbare bron van deze vitamine. Goede bronnen zijn alle gebruikelijke veelvoudige vitamines (waaronder ook de vegetarische vitamines), verrijkte cereals, en verrijkte sojamelk. Vooral zwangere vrouwen en moeders die borstvoeding geven, moeten ervoor zorgen voldoende vitamine B12 te hebben. Zonder twijfel is een mogelijk vitamine B12 tekort een belangrijk riscico voor de gezondheid van strikte vegetariërs en veganisten. Veganisten wordt zonder meer aangeraden B12-supplementen te gebruiken.

Studies die werkten met de meest betrouwbare testmethode toonden aan dat de meeste zeewieren, waarvan geloofd werd dat ze B12 bevatten, inactieve B12-analogen waren. Ook tempeh, miso of andere gefermenteerde voedingsmiddelen zijn geen bronnen van actieve B12, tenzij er B12 aan wordt toegevoegd. Uit de huidig beschikbare wetenschappelijke kennis moeten we concluderen dat (niet-verrijkt) plantaardig voedsel ons geen vitamine B12 kan leveren.


Wat gebeurt er al je er te veel van binnenkrijgt?

De kans op nadelige gevolgen van grote hoeveelheden vitamine B12 is heel klein. Er zijn geen ongewenste effecten bekend bij personen die langdurig preparaten met hoge doseringen gebruikten. Het lichaam zorgt ervoor dat er niet te veel vitamine B12 uit het maagdarmkanaal in het lichaam wordt opgenomen.

Zoals steeds met vitaminen van de B-groep, combineer je deze stof met een goed vitamine B complex. Als je enkel cobalamine inneemt, vergroot de behoefte aan de andere stoffen uit de vitamine B-groep. Daarom is het aangeraden om zeker de volledige groep B-vitaminen in te nemen. Wanneer de kwaaltjes of ziektes verdwijnen, bouw je de inname van vitamine B12 af.

Bron:http://www.vitamineabcd.nl/vitamine-b12-voeding-en-supplementen

De symptomen/klachten door een vitamine B12-tekort

Posted by Tineke on March 6, 2011 at 4:49 PM Comments comments (0)

De symptomen/klachten door een vitamine B12-tekort

 

  • Vermoeidheid (soms heel erg moe)
  • Glossitis (pijnlijke tong, z.g. biefstuktong, vooral bij scherp en gekruid eten en zure dranken en bij tandenpoetsen; ontstoken en/of bloedend tandvlees; ijzer-/metaalsmaak)
  • Aften
  • Raar gevoel in de voeten (gevoel van op vilt, watten of kussentjes te lopen, het oppervlaktegevoel is verstoord, branderig gevoel op de huid)
  • Psychische problemen (van prikkelbaarheid/"kort lontje", stemmingswisselingen en onredelijkheid tot ernstige psychische klachten, paniekaanvallen en suïcidaal gedrag)
  • Concentratie problemen (niet helder meer kunnen denken, wattenhoofd, sufheid)
  • Tintelingen (in de voeten en handen en later ook in benen, armen en gezicht "onder stroom staan"; "mieren lopen"; ook doof gevoel in handen en voeten, trillende handen, uitvalsverschijnselen)
  • Duizeligheid
  • Slaperigheid (veel slaap nodig hebben, zomaar spontaan in slaap vallen)
  • Benauwdheid op de borst (angineuze pijnen, hartkloppingen, hartritmestoornissen, versnelde hartslag, kortademigheid)
  • Het koud hebben (soms ook een branderig gevoel op de huid)
  • Zwaar en stijf gevoel in de benen (pijn in de heupen)
  • Spierpijn (spierpijn, is na inspanning erger dan voorheen, soms ook spierkrampen, krachtverlies)
  • Fasciculaties/myokymieën (spiertrillingen, samentrekking van een klein deel van een spier, onwillekeurige bewegingen, onrustige benen)
  • Pijn (o.a. in rug, handen, polsen, heupen en knieën)
  • Ontstekingen in het spijsverteringskanaal (tot aan darmperforatie toe)
  • Misselijkheid (geen trek, onbestemd gevoel in de maagstreek)
  • Darmklachten,diarree (met enige regelmaat)
  • Ataxie, verminderde positiezin (onstabiele gang, dronkemansgang, tot helemaal niet meer kunnen lopen, onverklaarbaar vallen of zomaar iets uit de handen laten vallen)
  • Gewichtsverlies (verlies van eetlust, verlies van smaak/reuk)
  • Afasie (problemen met spreken, verkeerde woorden gebruiken, niet op het juiste woord kunnen komen, met "dubbele tong" praten; "toetsenbord-afasie")
  • Bloedarmoede, soms weinig, vaak niet (flauwvallen, droge huid, jeuk, bleekheid, geelverkleuring huid en oogwit, hyperpigmentatie, spontane blauwe plekken)
  • Problemen met de ogen (optische neuropathie, wazig zien, gezichtsvelduitval)
  • Gehoorproblemen (oorsuizingen, vervormd geluid)
  • Haaruitval,brokkelige nagels
  • Hypertone blaas (plas niet op kunnen houden)
  • Hoofdpijn/migraine
  • Infecties (een verhoogde kans op vaginale- en urineweginfecties)
  • Menstruatieproblemen (onregelmatig, soms wegblijvend, fout-positieve PAP-uitstrijk)
  • Onvruchtbaarheid/miskramen, geboorte-afwijkingen.
  • Dementie (geheugenverlies)
Bij jonge kinderen met een tekort: groei- en ontwikkelingsachterstand

 

 

Een B12-tekort tijdens de zwangerschap kan leiden tot neuraalbuis defecten, hartafwijkingen en groeiachterstand bij het kind.


 

Vitamine B12 is van essentiëel belang bij vele lichaamsfuncties. Een B12-tekort kan daardoor een grote verscheidenheid aan klachten geven. De bovenstaande lijst geeft de meest voorkomende en is dus niet volledig.

Het klachtenpatroon verschilt erg van persoon tot persoon. Er zijn er die veel klachten uit het lijstje hebben maar geen Glossitis. Soms spelen de psychische klachten een hoofdrol, terwijl anderen daar totaal geen last van hebben. De een heeft vooral last van tintelingen in handen en voeten terwijl de ander hier geen last van heeft en alleen maar erg moe is. De klachten zijn over het algemeen symmetrisch, maar niet altijd.

De wit gemarkeerde symptomen in bovenstaande lijst hebben vooral een neurologische oorzaak.

Veel patiënten hebben pijnklachten, soms stijfheid in de nek, een overslaand hart of rusteloze benen.

Een deel van de pijnklachten kan ook zenuwpijn (neuropathische pijn) zijn die veroorzaakt wordt door beschadigde gevoelszenuwen. Deze geven dan foute pijnsignalen door. Deze laatste pijn heeft vaak een branderig karakter en geeft ook pijnscheuten bijvoorbeeld bij aanraken. Voor meer informatie over neuropathische pijn.  KIJK HIER

In een aantal gevallen is een "ongelukje" het eerste teken dat er iets niet goed zit, zoals struikelen, van de fiets vallen en dat soort ongemakken. Of iemand kan minder goed dan voorheen tegen licht of tegen alcohol of komt vaker bij de tandarts. Of achteraf blijkt de zich steeds herhalende sinusitis ook met het B12-tekort te maken te hebben.

Nogal wat mensen met een B12-tekort hebben last van afasie. Ze bedoelen een bepaald ding, maar gebruiken een ander woord. In hun gedachten zien ze wel het juiste beeld voor zich, maar hebben vaak niet in de gaten dat ze het foute woord gebruiken. Dit zelfde probleem kan zich voordoen bij het schrijven of typen. Dit kan versterkt worden door de verminderde concentratie vanwege het tekort.

Ook migraine staat in het lijstje met symptomen. Een Turks wetenschappelijk onderzoek geeft de relatie tussen migraine en een functioneel B12-tekort met nog normale Totaal-B12 waarden. Migraine kan dus een vroeg symptoom zijn.Lees het hier

Een deel van de neurologische klachten komt door de z.g. gecombineerde strengziekte en polyneuropathie, beide een gevolg van een te lang bestaand B12-tekort.

Een functioneel B12-tekort kan ook een verhoogde homocysteïne-waarde in het bloed veroorzaken. Deze verhoging van de homocysteïne is mogelijk een risicofactor voor het krijgen van hart- en vaatziekten, osteoporose (botontkalking) en miskramen.

De problemen met de concentratie en het geheugen en ook de afasie komen door het tekort aan B12 in de hersenen.


Bron:http://home.kpn.nl/hindrikdejong/symptoom.htm

Loop jij het risico van een magnesiumtekort?

Posted by Tineke on March 6, 2011 at 4:36 PM Comments comments (0)

Loop jij het risico van een magnesiumtekort?

Magnesium is één van de meest belangrijke mineralen in het menselijk lichaam en essentieel voor een goede gezondheid. Het is een kritische factor voor meer dan 350 essentiële biochemische reacties in het lichaam zoals de spijsvertering, energieproductie, het functioneren van de spieren, botvorming, aanmaken van nieuwe cellen, activeren van B vitaminen, ontspanning van de spieren en het helpt ook bij het goed functioneren van het hart, de nieren, de bijnieren, de hersenen en ons zenuwstelsel.

Magnesium is op drie na het meest aanwezige mineraal in het lichaam. Het is aanwezig in de botten, tanden, de rode bloedcellen en het activeert meer enzymsystemen dan ijzer en zink gezamenlijk doen. In het jaar 1971 schreef Dr. Edmund B. Fink (een onderzoeker naar magnesium aan de West Virginia University of Medicine in Morgantown) in ‘The Executive Health’ dat:

  • een magnesiumtekort niet alleen gewoon bestaat, maar ook veel voorkomend is;
  • ondanks dat het veelvoorkomend is, het vaak onopgemerkt blijft;
  • een chronisch tekort blijvende schade kan aanrichten en fataal kan worden;
  • de uitingen/gevolgen van tekort aan magnesium veelomvattend en gevarieerd zijn.

De eerste symptomen van magnesiumtekort kunnen nog vrij klein zijn. De meeste magnesium wordt opgeslagen in de weefsels. Kramp in de benen, pijn in de voeten of spiertrekkingen zijn meestal de eerste tekens van een tekort. Als dit wordt genegeerd, dan kunnen andere gevolgen (zoals hieronder benoemd) tot uiting komen.


  • Energieloos

Magnesium speelt een sleutelrol in het regulieren van een goede omzetting van voeding in energie. De metabolisme van koolhydraten en vetten vereist een heel aantal van magnesium afhankelijke chemische reacties. In 2002 heeft de fysioloog Henry Lukaski van het “Department of Agriculture’s Human Nutrition Research Center” in Dakota (USA) vastgesteld dat tijdens middelmatige activiteit, mensen met een laag magnesiumgehalte meer energie gebruiken - en daardoor sneller vermoeid zijn - dan mensen met een goed magnesiumgehalte. In deze studie (welke gepubliceerd is in de mei 2002 editie van ‘The Journal of Nutrition’;) weidt hij uit over dat in de eerste fase, 10 vrouwen in de postmenopauzale periode werden voorzien van een 35 dagen lang dieet met een voldoende magnesiumgehalte. Deze eerste fase werd gevolgd door een fase met een dieet van 93 dagen met een laag magnesiumgehalte en vervolgens de laatste fase met wederom een dieet met voldoende magnesium, nu voor 49 dagen. Resultaat van dit onderzoek was dat tijdens de fase met een laag magnesiumgehalte, de vrijwilligers meer zuurstof gebruikten tijdens lichamelijke activiteit en dat hun hartslag toenam met ongeveer 10 slagen per minuut. “Toen de vrijwilligers een laag magnesiumgehalte hadden, hadden ze meer energie en meer zuurstof nodig om activiteiten van laag niveau te doen, dan toen hun magnesiumgehalte voldoende was”, aldus Lukaski. Deze uitkomsten komen overeen met andere studies en tonen aan dat een te laag magnesiumgehalte samengaat met een toenemende benodigdheid van zuurstof tijdens het doen van oefeningen. Mensen die klagen over het hebben van weinig energie, kunnen hun voordeel halen uit toevoeging van magnesium aan het dieet.


  • Vermoeidheid

Onderzoek heeft aangetoond dat aanhoudend magnesiumtekort kan leiden tot het chronische vermoeidheidssyndroom (CVS). Indien we een magnesiumtekort hebben dan gaan onze lichaamsfuncties op cellulair niveau langzamer werken zodat het lichaam loom/langzaam wordt waardoor vermoeidheid op kan treden. Een baanbrekende studie (The Lancet, maart 1991) uitgevoerd door Cox, Campbell en Dowson van het “Center for the Study of Complemetary” in Southampton (Engeland), heeft aangetoond dat veel patiënten met CVS een laag magnesiumniveau hebben in de rode bloedcellen en dat dit hun toestand kan verbeteren door het gebruiken van magnesiumsupplementen. Tijdens een dubbelblind placebo gecontroleerd onderzoek injecteerden zij 32 patiënten, die allen het chronisch vermoeidheidssyndroom hebben, met magnesiumsulfaat. Vijftien patiënten, willekeurig bepaald, kregen magnesiumsulfaat intramusculair toegediend, één maal per week, zes weken lang. De andere zeventien kregen water geïnjecteerd. De patiënten die magnesium toegediend hadden gekregen vertoonden betere energieniveaus en hadden een betere controle over hun emoties.


  • Zwakheid/krachteloosheid

Tussen 1965 en 1990 zijn er verschillende onderzoeken gedaan in Nieuw-Zeeland, Australië, Engeland, Frankrijk en Nederland om te kijken wat de relatie is tussen de voorkeurshouding van een baby en de wiegendood. In een in 1991 gepubliceerde recensie werd geconcludeerd dat magnesiumtekort (de spierkracht bij jonge mensen wordt serieus geschaad bij een tekort aan magnesium) een van de grote factoren is waardoor een toenemend aantal kinderen overlijdt aan de wiegendood. Bij ratten is aangetoond dat onvoldoende magnesium in het dieet leidt tot het hebben van minder kracht bij het doen van oefeningen en dat de spieren zwak worden, overigens een effect wat snel omgekeerd kan worden door wel voldoende magnesium tot je te nemen.


  • PMS en Hormonale Onbalans

Premenstrueel Syndroom, ook bekend als PMS, is een naam die voorkomt bij verschillende lichamelijke en psychologische symptomen zoals een opgeblazen gevoel in de buik, gevoeligheid van de borsten, hoofdpijn, vermoeidheid, prikkelbaarheid, ongerustheid en depressie die twee tot zeven dagen voor het begin van menstruatie voorkomen. Volgens Dr. Guy Abraham, voormalig professor in verloskundige en gynaecologische endocrinologie aan de UCLA School of Medicine, is er in de meeste gevallen bij PMS een hormonale onbalans aantoonbaar. Carolyn Dean (onder andere schrijfster van “The Magnesium Miracle”;) veronderstelt dat één van de 22 dingen, die veroorzaakt kunnen worden door magnesiumtekort, een hormonale onbalans is wat vervolgens weer kan leiden tot PMS; dysmenorroe (krampen tijdens de menstruatie); onvruchtbaarheid; voortijdige samentrekkingen en (pre) eclampsie oftewel zwangerschapsvergiftiging. Het feit dat uit onderzoek voortkomt dat het cellulaire magnesiumniveau bij vrouwen met PMS beduidend lager is dan bij vrouwen die niet leiden aan PMS onderstreept dit alles. Susan Johnson, een gynaecoloog aan de University of Iowa die heeft geholpen bij de ontwikkeling van de nieuwe ACOG, een Amerikaanse universiteit voor verloskunde en gynaecologie, adviseert dat indien je op zoek bent naar supplementen die de symptomen van PMS verlichten, je die kunt vinden in calcium, magnesium, vitamine D en E.

 

  • Slapeloosheid

Slapeloosheid of moeite hebben met slapen is een ander symptoom wat voorkomt als gevolg van een magnesiumtekort. Als je moeite hebt met slapen of wakker wordt tijdens de nacht met spierspasme, kramp of stijfheid, kan het zijn dat magnesiumsupplementen kunnen helpen. In een studie onder meer dan 200 patiënten heeft Dr. W. H. Davis van de University of Pretoria onderzocht wat magnesium kan betekenen in de strijd tegen slapeloosheid. 99 procent van de patiënten die magnesiumsupplementen gebruikten vertelden dat ze sneller in slaap vielen en ze ononderbroken sliepen. Het vermoeid opstaan verdween en angst en spanning tijdens de dag verdwenen. In dit 12 maanden durende onderzoek, waarbij 8 tabletten van 250 mg magnesiumchloride werden genomen, werden geen bijeffecten geconstateerd. De magnesiumsupplementen zorgden voor een verbetering van het slapen doordat er minder cortisol vrijkwam, het stresshormoon dat de slaap verstoort.


  • Zwakke botten

Lange tijd werd verondersteld dat calcium de belangrijkste mineraal was in de strijd tegen Osteoporose, maar nieuw onderzoek heeft aangetoond dat magnesium net zo belangrijk is in de behandeling en strijd tegen Osteoporose. Magnesium omvat ongeveer 1 procent van de mineralen in de botten van het lichaam. Het beïnvloedt zowel de botmatrix als het mineraalmetabolisme in de botten en helpt ons lichaam bij de assimilatie van calcium. Dr. Barnett, een orthopedisch chirurg, zegt: “Magnesium is misschien wel het meest belangrijk element voor de gezondheid van de botten”. Magnesiumtekort kan een risicofactor vormen voor postmenopauzale osteoporose, omdat het ’t calciummetabolisme verandert en het effect heeft op het hormoon dat de calciumbalans in het lichaam reguleert. Als het magnesiumgehalte in de botmineralen afneemt, dan vergoten de botkristallen en worden ze brozer. In hun studie “magnesiumsupplementatie en osteoporose” hebben de onderzoekers J.E. Sojka, C.M. Weaver (gepubliceerd in Nutrition Reviews, 1995) een lager magnesiumgehalte en grotere botkristallen ontdekt bij vrouwen met osteoporose en suggereren dat door toevoeging van magnesium de mineraaldichtheid van de botten kan verbeteren.


  • Spierspanning, spasme en kramp

Die kleine irriterende trekken in het ooglid of de pijnlijke spierkrampen die je ’s nachts wakker maken zijn vaak de eerste tekenen van magnesiumtekort. Magnesium is nodig voor de juiste ontspanning en samentrekking van de spieren. Buitensporige spierspanning (resulterend in spasmes en rusteloosheid) kan betekenen dat je een tekort aan magnesium hebt. Wanneer dit mineraal verloren gaat door lichaamsvocht zoals bij sporters die zweten tijdens een zware training, dan kunnen zij krampen ervaren, veroorzaakt door een magnesiumtekort. Spierkrampen en andere tekens van een te laag magnesiumniveau reageren snel en positief op toevoeging van magnesium en veranderingen in het dieet door voeding met een hoog mineraalgehalte.


  • Hartritmestoornissen

Magnesium heeft een heilzaam effect op het cardiovasculair systeem. Door de ontspannende uitwerking op de spieren, speelt het ook een belangrijke rol bij het reguleren van de bloeddruk. Wanneer de bloedvaten ontspannen is er minder weerstand tegen de stroming van het bloed, met als gevolg dat de bloeddruk lager is. Het is bewezen dat bij een laag magnesiumgehalte in het lichaam de kans op hartritmestoornissen toeneemt, waardoor vervolgens het risico toeneemt op complicaties die gepaard gaan met een hartaanval. F. Liao, AR Folsom en Brancati van de “School of Public Health”, University of Minnesota, hebben in 1998 een grote studie uitgevoerd (onder bijna 14000 mannen en vrouwen) en ontdekten dat toename van het magnesiumniveau samengaat met een afnemend risico van coronaire hartziekten bij vrouwen. De “Joint National Committee on Prevention, Detection, Evaluation and Treatment of High Blood Pressure” adviseren een adequate magnesiuminname om je te beschermen tegen of te helpen bij het behandelen van een hoge bloeddruk. De “DASH-studie” (DASH staat voor Dietary Approaches to Stop Hypertension = benadering om door middel van je dieet de hypergevoeligheid te stoppen) veronderstelt dat een hoge bloeddruk significant lager kan worden door een dieet te consumeren met veel magnesium, kalium en calcium.


  • Hoofdpijn

Ongeveer 70% van de patiënten die spanningshoofdpijn hebben, hebben ook last van gespannen en gevoelige spieren. Verscheidene studies hebben aangetoond dat er een relatie bestaat tussen migraine, spanningshoofdpijn en een laag magnesiumgehalte. Het in 1998 gepubliceerde artikel “De rol van magnesium bij de pathogenese en behandeling van migraine” door Clin Neurosci, A. Muskop en M.N. Altura , veronderstelt dat mensen die terugkerende migraine hoofdpijnen hebben, een lager intercellulair magnesiumniveau hebben dan mensen zonder migraine. In de maarteditie van het blad “Headache” uit 1996, berichtten onderzoekers dat patiënten met clusterhoofdpijnen geholpen zijn door magnesiumtherapie. Bij clusterhoofdpijn leiden mensen tot wel 20 keer per dag aan pijn, wat maanden lang kan duren. Een enkele magnesiuminfusie heeft deze clusterhoofdpijnen verholpen in 2 tot 7 dagen. Een meer recent placebogecontroleerd onderzoek uit 2003, uitgevoerd door F. Wang, S.K. van den Eeden, L.M. Ackerson, S.E. Salk, R.H. Reince en R.J. Elin, bij 86 kinderen met frequente migrainehoofdpijnen, heeft aangetoond dat orale toediening van magnesiumoxide de frequentie van de hoofdpijnen heeft doen afnemen.


  • Angst/ongerustheid

Toevoeging van magnesium aan het dieet heeft een goede reputatie als het gaat om het hebben van een kalmerend effect bij symptomen van angst en stress. Mildred Seeling, die de “Journal of the American College of Nutrition” heeft opgericht in 1982, heeft aangetoond dat er een relatie bestaat tussen magnesiumtekort en symptomen van angst en dit beschreven in haar scriptie “Latente tetanie en angst en magnesiumtekort”. Een ander onderzoek uitgevoerd door H. Kara, N. sahin, V. Ulusan en T. Aydogdu in 2002, bestudeerde de impact van magnesium bij patiënten die geopereerd zijn. Patiënten kregen zowel tijdens als na de operatie een infuus met magnesium en werden onderzocht op hun mate van gevoel van onrust. Patiënten die het magnesium toegediend kregen hadden minder pijnmedicatie nodig en hadden minder last van onrust vergeleken met een groep die geen magnesium toegediend hadden gekregen.

 

  • Nervositeit

Magnesium reguleert de functie van de zenuwcellen en is essentieel voor het goed functioneren van het zenuwsysteem. De aanwezigheid van de juiste hoeveelheden magnesium in de synaps (ruimte tussen zenuwcellen) controleert de snelheid waarmee de neuronen vuren. Zonder voldoende magnesium kunnen de zenuwcellen geen signalen verzenden en ontvangen en de overgevoeligheid voor verschillende stimulaties kan toenemen. Geluiden lijken veel harder te klinken, licht lijkt veel feller, emotionele reacties zullen heftiger zijn en de desbetreffende persoon heeft het gevoel “op het randje” te leven. Het brein kan te veel gestimuleerd worden om te gaan slapen. Magnesiumsupplementen hebben een verlichtend, pijnstillend effect op het zenuwsysteem en geven u weer een opgelucht gevoel.


  • Prikkelbaar

Een tekort aan magnesium kan ook psychiatrische problemen veroorzaken, zoals depressie, rusteloosheid en snel geïrriteerd zijn. Uit onderzoek blijkt dat depressieve patiënten een lager magnesiumniveau hebben. Orale inname van magnesium wordt gebruikt als een toegevoegde behandeling bij psychiatrische patiënten en is ook succesvol gebleken bij behandeling van manische depressiviteit. D. Nuytten, J. van Hees, A. Meulemans en H. Carton van het departement van neurologie, Universiteit Leuven toonden aan dat een afname van het magnesiumgehalte, prikkelingen in het zenuwstelsel kunnen veroorzaken, eventueel resulterend in epileptische aanvallen. Klinische en experimentele onderzoeken hebben bewezen dat ondanks dat een magnesiumtekort niet als oorzaak van epilepsie gebruikelijk is, magnesium wel kan helpen en levensreddend kan zijn.


  • Nierstenen

Een onderzoek uit 1960 heeft aangetoond dat er een relatie bestaat tussen magnesium en nierstenen. In het blad “Health Bulletin” (13 juni 1964) schrijft Dr. H.E. Sauberlich van het Fitzsimons ziekenhuis te Denver: “Magnesiumoxide lijkt veelbelovend bij het behoeden tegen nierstenen”. Verder onderzoek heeft aangetoond dat magnesium inderdaad helpt bij terugkerende nierstenen, door toename van de oplosbaarheid van calcium in de urine. Magnesiumsupplementen en magnesiumrijke voeding zijn ook effectief gebleken bij voorkoming en behandeling van nierstenen.


Manieren om je magnesiuminname te laten toenemen

Consumeren van groene groenten, whole-grain producten en een verscheidenheid aan peulvruchten en noten zal helpen om aan je dagelijkse behoefte magnesium te voldoen. Voedingsproducten en dranken die rijk zijn aan magnesium zijn: boekweit, chocolade, katoenzaad, thee, tofoe, peulvruchten, sojameel, amandelnoten, cashewnoten, groene groenten en peterselie. Klik hier om te zien hoeveel magnesium er zit in een aantal voedselbronnen.

Neem magnesiumsupplementen, ook als je een zeer gebalanceerd dieet neemt met onder andere vis, noten en whole-grain producten. De kans bestaat namelijk dat je nog steeds je dagelijks benodigde hoeveelheid moet aanvullen met supplementen zoals Natural calm. Onze voeding vandaag de dag, bevat minder voedingmiddelen dan 50 jaar geleden. Wanneer de bodem uitgeput raakt, zijn er minder voedingsmiddelen beschikbaar voor ons voedsel. Lees meer over de afname van voedingsmiddelen in onze voeding en de noodzaak op magnesiumsupplementen toe te voegen aan ons dieet in een nog op de website te publiceren artikel. Natural Calm, ontwikkeld door de leider op het gebied van voedingsonderzoek Peter Gilham, is het meest absorbeerbare, effectieve en snelst werkende magnesiumproduct wat verkrijgbaar is. Natural Calm magnesium is een 100% natuurlijk water-oplosbaar magnesiumcitraatpoeder van de hoogste kwaliteit.


Bron:http://www.naturalcalm.nl/magnesiumtekort

Voeding voor uw hersenen

Posted by Tineke on February 28, 2011 at 4:18 PM Comments comments (0)

Voeding voor uw hersenen

Hersenen bevatten miljarden zenuwcellen (neuronen). Deze cellen communiceren met elkaar via zogenaamde neurotransmitters. Bij een prikkeling van een zenuwcel wordt een elektrisch stroompje opgewekt, dat door de cel gaat in een vaste richting, naar het uiteinde van de cel of de synaps (verbinding tussen twee neuronen waardoor een signaal overgedragen kan worden). Dit uiteinde wordt aangezet tot het afscheiden van een chemische boodschapper: de neurotransmitter.


Neurotransmitters, de hersenboodschappers

Dankzij deze neurotransmitters kan de elektrische impuls worden doorgegeven aan de volgende zenuwcel. De studie van het metabolisme van neurotransmitters en aanverwante stoffen heeft wetenschappers geholpen mechanismen op te sporen die verantwoordelijk zijn voor het opwekken van verschillende emoties. Bij geheugenfuncties en bij angst verbruikt het lichaam veel neurotransmitters. Goede voeding kan angstverlagend en geheugenversterkend werken. Hieronder wordt per neurotransmitter beschreven wat het doet en welke voeding dit bevat.


Dopamine

Dopamine is de neurotransmitter die verantwoordelijk zou zijn voor een gezonde assertiviteit, seksuele opwinding, een goed immuunsysteem en een goed werkend zenuwstelsel. Dopamine is een van de meest kwetsbare neurotransmitters. Het dopaminegehalte kan worden aangetast door stress of slaaptekort. Alcohol, cafeïne en suiker lijken de dopamine-activiteit in de hersenen te beïnvloeden.

Dopamine oxideert gemakkelijk, het eten van veel fruit en groenten beschermt tegen beschadiging door vrije radicalen doordat groenten en fruit zijn rijk zijn aan antioxidanten. Vrije radicalen zijn bijzonder reactieve moleculen die celmembranen, eiwitten en zelfs de genen aanvallen en beschadigen.

Het dopaminesysteem is actief als mensen met plezier en/of aandacht met iets bezig zijn. Alcohol, nicotine en drugs verstoren de dopamine balans. Suiker heeft een soortgelijk effect, omdat dit voor het lichaam dicht tegen alcohol aan ligt. Al de genoemde stoffen zorgen dat men snel verslaafd raakt.

De eerste paar keer dat dergelijke middelen gebruikt worden gaat het dopamine niveau omhoog, wat een zekere kick veroorzaakt. Na verloop van tijd gebeurt echter het omgekeerde. Het wordt dan steeds moeilijker om het dopamine niveau op peil te houden en een laag dopamine niveau heeft tot gevolg dat men zich niet prettig voelt.

Nicotine, maar ook alcohol, suiker en drugs zijn dan nodig om dat onprettige gevoel op te heffen. Dat lukt echter maar voor even. Herinneringen aan associaties die met verslavende middelen te maken hebben, zijn daarentegen juist bijzonder krachtig en kunnen na jaren zomaar weer de kop op steken.


Voedingsbronnen

Voedingsbronnen van tyrosine, het aminozuur voor de aanmaak van dopamine, zijn: vis, eieren, vlees, kaas, melk (-producten), avocado, noten en zaden, peulvruchten.


Noradrenaline

Noradrenaline of norepinephrine is een belangrijke opwekkende neurotransmitter die noodzakelijk is voor motivatie, alertheid en concentratie. Hersenen hebben noradrenaline nodig om herinneringen te vormen en deze in het lange termijn geheugen op te slaan.

Zowel noradrenaline als dopamine worden aangemaakt uit de aminozuren tyrosine of phenylalanine en in de aanwezigheid van voldoende zuurstof, de vitamines B3, B6 en C, foliumzuur, ijzer en koper.


Voedingsbronnen

Voedingsbronnen van tyrosine zijn onder meer: vis, eieren, vlees, kaas, melk (producten), avocado, noten en zaden, peulvruchten


Serotonine

Serotonine is de kalmerende neuro-transmitter. Het bevordert tevredenheid en is verantwoordelijk voor een normaal slaappatroon. Serotonine speelt een cruciale rol in het reguleren van het geheugen, het leren en de bloeddruk. Het is verder belangrijk voor een gezonde eetlust en het behoud van een constante lichaamstemperatuur.

Een laag serotoninegehalte kan leiden tot slapeloosheid, depressie, agressie, verhoogde pijngevoeligheid en wordt in verband gebracht met dwangmatige eetstoornissen.

Serotonine wordt aangemaakt uit het aminozuur tryptofaan in de aanwezigheid van de vitamines B1, B3, B6 en foliumzuur. De activiteit van serotonine-receptoren kan worden beïnvloed door veranderende magnesiumgehaltes in het lichaam.

 

Voor een goed evenwicht van serotonine in het lichaam is het gewenst een teveel aan suikerrijk voedsel te vermijden. Als regel wordt gesteld dat voedsel rijk aan complexe koolhydraten het serotoninegehalte in de hersenen op peil helpt houden, terwijl het eten van veel eiwitrijk voedsel het gehalte aan opwekkende neurotransmitters zou verhogen.

De bloed-hersenbarrière bepaalt in hoeverre een stof als serotonine de hersenen vanuit het lichaam kan bereiken. Serotonine komt namelijk ongeveer zo'n 90% in het maag-darmkanaal en het bloed voor en maar voor 2% in de hersenen.

 

Serotonine kan in de hersenen alleen maar aangemaakt worden uit tryptofaan of 5-HTP. Tryptofaan is een voorloper van 5-HTP, wat weer een voorloper is van serotonine. Uit onderzoek blijkt dat 5-HTP makkelijker de bloed-hersenbarrière passeert dan tryptofaan.


Voedingsbronnen

Voedingsbronnen van tryptofaan zijn onder meer: bruine rijst, zonnebloempitten, pompoen- en sesamzaadjes en bananen.


Acetylcholine

Acetylcholine is de voornaamste chemische drager van gedachten en het geheugen. Deze opwekkende neurotransmitter is belangrijk voor zowel de opslag als het gebruik van het geheugen, en deels verantwoordelijk voor het concentratievermogen. In tegenstelling tot andere belangrijke neurotransmitters wordt acetylcholine niet opgebouwd uit aminozuren; de belangrijkste bouwsteen is choline.

 

Voedingsbronnen

Choline is aanwezig in voedingsbronnen met een hoog gehalte aan lecithine, zoals lecithine granulaat, sojabonen, volle graanproducten en scharreleieren.


 

GABA

GABA (gamma-amino-boterzuur) is een aminozuur en een rustgevende neurotransmitter. Een verlaagd niveau GABA wordt geassocieerd met angst en epilepsie. Het wordt in het lichaam gevormd uit glutaminezuur door decarboxylering (reactie waarbij een carboxylgroep afsplitst van de rest van het molecuul in de vorm van een koolstofdioxide) onder invloed van het enzym glutamaatdecarboxylase (GAD). De effectiviteit van GABA kan verminderen door een tekort aan vitamine B1 of tijdens het afkicken van een alcoholverslaving. Dit kan zich uiten in angst, geïrriteerdheid, slapeloosheid of epileptische insulten.

Benzodiazepines en barbituraten zijn voorbeelden van GABA-agonisten en veroorzaken dus een demping van de activiteit van het centrale zenuwstelsel: bijvoorbeeld slaperigheid, verslechterde coördinatie, afgenomen concentratie, vergeetachtigheid. Alcohol beïnvloedt de GABA neurotransmissie. De meeste gedragseffecten van alcohol worden veroorzaakt door effecten op de GABA type A receptor. Alcohol versterkt overigens de werking van benzodiazepines en barbituraten.

 

Voedingsbronnen

Voedingsbronnen van GABA zijn onder meer: broccoli, groene groenten (spinazie), zaden, verse noten, aardappelen, bananen, uien, scharreleieren.


Taurine

Taurine is een aminozuur en neurotransmitter. Taurine heeft een vertragend effect op de neurotransmissie in het centrale zenuwstelsel, waardoor het kalmerende eigenschappen heeft. Het helpt bij het aanmaken van GABA, wat kalmheid, ontspanning en een goede nachtrust bevordert. Onder bepaalde (pathofysiologische) omstandigheden kan de eigen vorming van taurine echter tekortschieten en kan suppletie van taurine waardevol zijn. Taurine wordt vooral door de nieren uitgescheiden. Na chirurgische ingrepen, bij spieraandoeningen en na bestralingen en chemotherapie kan relatief veel taurine via de urine verloren gaan.


Voedingsbronnen

Voedingsbronnen van taurine zijn: vlees, vette vis, schelpdieren zoals mosselen, kokkels en oesters.


Glutamine

Glutamine wordt door het lichaam gevormd. Het is een aminozuur die als 'ophitsende' neurotransmitter betrokken is bij het cognitieve vermogen van de hersenen, herinnering, beweging, maar ook bij versnelde afsterving van neuronen. Zo is glutamine een belangrijke stimulerende neurotransmitter en kan het ook worden omgezet in de kalmerende neurotransmitter GABA. Verder is glutamine, samen met glucose, de brandstof voor de hersencellen.

 

Endorphinen geven een gevoel van euforie en onderdrukken fysieke en emotionele pijn. Ze worden gemaakt uit D- phenylalanine en DL- phenylalanine.


Goede neurotransmitter-communicatie

Voor het goed functioneren van de neurotransmitter-communicatie zijn de volgende zaken belangrijk:

Een goede bloedcirculatie naar de hersenen. Omega-3 vetzuren genereren 'goede' eicosanoïden (lokaal werkende weefselhormonen) die een goede bloeddoorstroming stimuleren.

Voldoende zuurstof. Zonder voldoende zuurstof kunnen de hersencellen niet voldoende ATP (energie) produceren om optimaal te werken. Onder een bepaald ATP niveau beginnen hersencellen af te sterven.

Een stabiele bloedsuikerspiegel. Glucose is de 'brandstof' waarvan neuronen in de hersenen voor bijna 100% afhankelijk zijn.

Andere cellen en organen kunnen naast glucose ook vet verbranden om ATP te produceren, neuronen kunnen dit niet. De neuronen kunnen voor hooguit 2 minuten glucose in de vorm van glycogeen opslaan.

Dit betekent dat er een constante stroom van bloedsuiker naar de hersenen nodig is.

Een lage of sterk dalende bloedsuikerspiegel (hypoglykemie) geeft onder andere: geïrriteerdheid, vergeetachtigheid, concentratieproblemen, wisselende stemmingen, depressiviteit.

Een hoge bloedsuikerspiegel geeft vooral op langere termijn problemen met o.a. de bloeddoorstroming.

Voldoende Omega-3 vetzuren in de hersenen. Meer dan 60% van het gewicht van de hersenen wordt bepaald door vet. Een groot deel van de langketenige omega-3 vetzuren is geconcentreerd in de hersenen waar ze een belangrijke rol spelen in de celmembranen en de receptorgevoeligheid. Onderzoek laat zien dat omega-3 vetzuren het serotoninegehalte kunnen verhogen.

Voldoende vitamines en mineralen. Vitamines zijn als coënzymen betrokken bij het maken, verzenden en ontvangen van neurotransmitters. Mineralen regelen de vochtbalans en het 'elektrische circuit' in de hersenen. Zie ook het artikel over Supplementen kopen, waar moet u op letten? en het artikel Zijn voedingssupplementen noodzakelijk?

 

Oorzaken van verstoringen bij de neurotransmissie

Er zijn meerdere oorzaken die tot een verstoring bij de neurotransmissie kunnen leiden. Enkele zetten wij hieronder op een rij.

1. Hormonale onbalans

2. Dysbiose in de darmen

3. Voeding

4. Milieufactoren

5. Overige


1. Hormonale onbalans

In het bijzonder het hormoon cortisol (veroorzaakt door stress) heeft enorme gevolgen voor de balans van neurotransmitters in de hersenen. Zo wordt er bij een te hoog cortisolgehalte in de lever meer geproduceerd van het enzym dat tryptofaan omzet naar kynurenine en veel minder naar 5 HTP, de voorstof van serotonine. Hierdoor wordt dus de aanmaak van serotonine belemmerd. Ook ontneemt cortisol de hersenen van hun enige energiebron glucose en werkt te veel cortisol als een neurotoxine. Bovendien vermindert cortisol de opname van nutriënten en het hormoon DHEA.

DHEA is een voorstof van de sexhormonen oestrogeen en testosteron. Een onbalans in de sexhormonen oestrogeen, progesteron en testosteron kan leiden tot een scala aan hersengerelateerde klachten waaronder angst, depressie en paniek. Het belang van progesteron, testosteron en DHEA in de hersenen blijkt uit het feit dat deze hormonen daar 20 maal meer voorkomen dan in het bloedserum.

Hypothyreoïdie heeft vaak een uitwerking op de productie van GABA, wat gerelateerd is aan het celmetabolisme. Een tragere metabolische omzetting, geeft minder GABA.


2. Dysbiose in de darmen

Een chronische overgroei van schimmels en gisten, in het bijzonder Candida Albicans, kan o.a. via daarvan afkomstige afvalstoffen problemen geven in de hersenen. Ook parasieten in de darmen geven negatieve effecten. Symptomen van parasitaire infecties zijn o.a. depressie, moeheid en buikpijn.


3. Voeding

Onderstaande voedingsaspecten kunnen de neurotransmissie verstoren:

  • Teveel suiker, alcohol of cafeïne hebben een negatief effect op de neurotransmitters.
  • Allergieën of intolerantie voor bijvoorbeeld melkproducten of gluten (met name tarwe) maar ook voor M.S.G. of aspartaam. Dit is met diverse bloedtesten te achterhalen.
  • Tekorten aan vitaminen en mineralen, in het bijzonder B1, B2, B6, foliumzuur, B12, C, magnesium, kalium, calcium en ijzer. Oorzaken hiervoor kunnen o.a. zijn: slecht functionerende darmen, te weinig maagzuur, te weinig enzymen van de alvleesklier of een jarenlang slecht voedingspatroon.
  • Een tekort aan één nutriënt kan al een duidelijke uitwerking op de neurotransmitters en hersenenwerking hebben en leiden tot mentale problemen. Belangrijk zijn o.a. vitamine B2, B6, B12, foliumzuur, TMG (Trimethylglycine), magnesium en zink die nodig zijn voor een goede methylering.
  • Onder methylering verstaan we een belangrijk biochemisch proces in het lichaam waarbij een methylgroep (CH3) wordt overgedragen aan een molecuul. Als deze afgifte niet goed verloopt, kan dat als consequentie hebben dat de omzetting van aminozuren in neurotransmitters niet goed verloopt. Zie ook het artikel over Leverontgifting.
  • Trimethylglycine (betaïne) is een aan choline verwante stof. Choline (tetramethylglycine) bevat vier methylgroepen en betaïne (trimethylglycine) drie.
  • Belangrijke bronnen van betaïne zijn vis, bieten, broccoli, spinazie en peulvruchten.

 

4. Milieufactoren

Reacties op chemicaliën die neurotoxinen bevatten zoals oplosmiddelen of zware metalen als aluminium, cadmium en lood.


5. Overige

Infectieziekten, medicijngebruik, tekort aan zonlicht en een tekort aan beweging kunnen de neurotransmissie negatief beïnvloeden.

 


Bron:http://www.natuurdietisten.nl/detail.php?id=636&cod=430&page=9

Wat zijn de kenmerken, signalen en symptomen van voorjaarsmoeheid?

Posted by Tineke on February 22, 2011 at 6:30 AM Comments comments (0)

Wat zijn de kenmerken, signalen en symptomen van voorjaarsmoeheid?


Voorjaarsmoeheid ontstaat door een groot gebrek aan vitamine, mineralen, beweging en buitenactiviteiten. Niet door een gebrek aan daglicht. De klachten zijn grote vermoeidheid, depressief zijn, nergens zin in hebben, een grote behoefte aan extra slaap, maar ondanks veel slapen blijft men zich vreselijk moe en energieloos voelen. Wat kunnen we zelf doen om de voorjaarsmoeheid te voorkomen en te bestrijden op een natuurlijke manier?


Heb jij last van een voorjaarsmoeheid?

Is alles je eigenlijk te veel? Heb je een gebrek aan energie? Ben je de hele dag moe en heb je eigenlijk helemaal nergens zin in, laat staan om je dagtaken te moeten uitvoeren? Waarschijnlijk is er sprake van een voorjaarsmoeheid.


Wat zijn de kenmerken, signalen en symptomen van een voorjaarsmoeheid?

  • Concentratie problemen
  • Grote behoefte aan extra slaap
  • Nergens zin in hebben
  • (Vr)Eetbuien hebben, veel trek in koolhydraten en in suiker
  • Prikkelbaar, snel geïrriteerd en gefrustreerd zijn, opvliegend
  • Groot overheersend somber gevoel
  • Uitzonderlijk groot gevoel van vermoeidheid
  • Depressief voelen
  • Niet helder van geest zijn
  • Grote moeite het bed uitkomen
  • Al deze voorjaarsmoeheid symptomen en kenmerken verdwijnen niet als je “bijslaapt”!

Seizoen Afhankelijke Depressie (sad)

Medische term voor voorjaarsmoeheid en een winterdepressie is officieel: Seosonal Affective Disorder (SAD), in het Nederlands: Seizoen Afhankelijke Depressie.


Voorjaarsmoeheid

Ongemerkt, heel langzaam, gaat ons energieniveau tijdens de herfst/winter/lente achteruit. Totdat we op een dag wakker worden en beseffen dat we vreselijk vermoeid zijn, ons depressief voelen, prikkelbaar zijn, nergens zin in hebben, concentratieproblemen hebben en een enorme behoefte hebben aan extra slaap. Voorjaarsmoeheid tijdens het voorjaar, winterdepressie tijdens de winter. Eenmaal getroffen, lijkt het wel dat het jaarlijks terugkeert. Wat is er aan de hand?


Ontstaan en oorzaak van voorjaarsmoeheid: gebrek aan beweging.

In de zomer barsten we van de energie. We bewegen veel en vaak buiten, zoeken de zon op en voelen ons goed. In de wintertijd komt de lichamelijke activiteiten vrijwel in zijn geheel stil te vallen!


Door te bewegen voelen we ons goed

Door vaak en veel te bewegen, zetten we onze bloedsomloop in werking. Zodra de bloedsomloop flink stroomt, circuleert er voldoende zuurstof naar al onze organen EN hersenen. Door onze hersenen regelmatig van verse zuurstof te voorzien, voelen we ons goed! Voelen we ons goed zoals we ons in de zomer voelen! Elke dag met een absoluut minimum van een half uur stevig bewegen, doet wonderen voor ons algehele welzijn!


Ontstaan en oorzaak van voorjaarsmoeheid: gebrek aan vitamine en mineralen

Vroeger was het heel gebruikelijk dat voedsel in de herfst werd opgeslagen voor de winter. Opgeslagen voedsel verliest per dag veel vitamine en mineralen. Zelfs nu, bevat ons voedsel tijdens de wintermaanden te weinig vitamine en mineralen. Vaak zijn groenten en fruit niet verkrijgbaar in de winter, of het aanbod van groente en fruit is te klein, of, nog veel erger, gewoon niet te betalen! Dat gaat allemaal ten koste van onze gezondheid. Ongemerkt bouwen we een enorm te kort van vitamine en mineralen op tijdens de wintermaanden!


Ontstaan en oorzaak van voorjaarsmoeheid: witte suiker

Ons voedsel is te geraffineerd. Bordevol witte suiker, maar bevat geen enkele vitamine, mineraal, vezel of ander voedinsmiddel. Witte suiker is het lekkerste gif op aarde en maakt ons lijf grof gezegd: kapot!

Geraffineerd voedsel en witte suiker verwijderd uit ons lijf alle broodnodige mineralen, vitamine, enzymen, alle essentiele bouwstenen, aminozuren, eigenlijk alles wat we nodig hebben om te kunnen funcioneren. Behalve dat veroorzaakt geraffineerd voedsel en witte suiker een enorm zuur en witte suiker is het hoofdvoedsel van alle virussen (Griep), bacterien (Verkoudheid)...kortom: witte suiker vreet al onze energie op, met als resultaat: een afschuwelijk gevoel van totale uitputting en oververmoeid zijn.


Gebrek aan beweging, gebrek aan vitamine en aan mineralen tijdens de winter is funest!

Deze combinatie is funest voor onze algehele welzijn en gezondheid. Met als resultaat: een vreselijk gevoel van een allesomvattende en sterk overheersende vermoeidheid. We noemen het: winterdepressie tijdens de wintermaanden en een voorjaarsmoeheid tijdens het voorjaar.


Gebrek aan zon, gebrek aan licht?

Wetenschappers hebben inderdaad jarenlang gedacht en beweerd dat zodra de dagen korter werden en de mens een tekort aan zonlicht zou vangen, het slaap/waak ritme verstoord raakte, we ons daarom zo vreselijk moe voelen, veel behoefte hebben aan veel slaap. Helaas. Een promovenda heeft deze veronderstelling een aantal jaren geleden ontkracht. Er bestaat geen enkel verband tussen de grote vermoeidheid en ons depressief voelen enerzijds en het gebrek aan zonlicht anderzijds.


Voorjaarsmoeheid en een vitaminetekort bestrijden

Kelp, een zeeplant, is een vernuft plantje dat ons prima helpt de opgebouwde tekorten van vitamine en mineralen tijdens de winter, doet opheffen! Kelp is in tabletvorm te koop onder de naam: Kelpasan van Dr. A. Vogel en gaat de bestrijding van de vreselijke vermoeidheid aan.

Kelpasan 1 a 2 tabletten in de morgen

Kelpasan 1 a 2 tabletten na de lunch

Let op! Basedow patiënten en mensen met een te verhoogde werking van de schildklier, mogen Kelp en Kelpasan UITSLUITEND gebruiken in homeopathische vorm, in potentie: D6. Bij twijfel: altijd een arts en/of deskundige contacteren!


Tekort vitamine C bestrijden via preparaat in tabletvorm

Er zijn nogal wat preparaten verkrijgbaar, door de bomen zie je het bos niet meer. Aangeraden wordt, om alle tekorten opgedaan tijdens de winter, op te heffen door extracten van wilde vruchten. Wilde vruchten bevatten – in verhouding – de meeste vitamine C. Zoals bv: Vitaal Vitamine C tabletten, die extracten bevatten van:

  • Duindoorn
  • Rozenbottels
  • Passievruchten
  • Citroenen
  • Zwarte bessen

Wilde vruchten bezitten een hoog gehalte aan vitamine C

Ideaal om alle vitaminetekorten te bestrijden zijn de volgende wilde vruchten:

  • Berberis
  • Duindoorn
  • Rozenbottel

Maak er thee van, maak er jam van, maak er vers vruchtensap van, maak er moes van. Door de zoete smaak zijn kinderen er dol op!!


Voorjaarsmoeheid en een vitamine A tekort bestrijden

Bestrijden van Vitamine A tekorten tijdens de winter zijn redelijk makkelijk. Peen en worteltjes zitten vol met deze vitamine, ze zijn betaalbaar tijdens de wintermaanden en altijd aanwezig. Stamppot peen en ui, verse wortelsap, verse geraspte wortelsalade zijn slechts een paar voorbeelden van uitstekende voeding die zorgen voor een optimale vitamine A toevoer.


Voorkomen van een voorjaarsmoeheid, bestrijden van vitamine- en mineralen-tekorten:

  • Sinasappelen
  • Citroenen
  • Mandarijnen
  • Grapefruit
  • Vers sap van citrusvruchten
  • Kiwi
  • Mango
  • Vers sap van wortelen en rode bieten
  • Spruitjes
  • Broccoli
  • Spinazie
  • Boerenkool
  • Zuurkool
  • Tomaat
  • Alle koolsoorten
  • Alle donkergroene bladgroente
  • Kwark
  • Ei
  • Yoghurt
  • Vette vis, makreel, sardines, zalm en haring
  • Wortelen
  • Ui
  • Prei
  • Lever
  • Levertraan
  • Noten
  • Tarwekiemen

Voorkomen van een voorjaarsmoeheid in het algemeen

  • Zorg voor voldoende ontspanning
  • Zorg voor voldoende frisse buitenlucht
  • Lach veel
  • Beweeg vaak en veel
  • Ga naar buiten zodra de zon schijnt
  • Drink extra vocht, bronwater, kruidenthee en verse vruchtensappen en groentesappen

 

 

Omega vetzuren 3, 6, 9

Posted by Tineke on February 21, 2011 at 10:30 AM Comments comments (0)

Omega vetzuren 3 6 9


Omega vetzuren zijn onverzadigde vetzuren. In een Gezond Voedings-patroon zijn vetten onmisbaar. Vitamines A, D, E en K (vetoplos-bare vitamines), krijgen we n.l. slechts binnen door het eten van vet. Vet bevat essentiële vetzuren als Linolzuur en alfa Linoleenzuur. We eten echter te veel en verkeerde vetten (verzadigde vetzuren). Belangrijk voor ons lichaam zijn de omega vetzuren m.n. EPA en DHA, daar deze onze gezondheid positief beïnvloeden en bepaalde functies aanzienlijk kunnen verbeteren.


Omega Vetzuren 3 6 9

 

Vetzuren Vetten

Vetten zijn onmisbaar in een gezond voedingspatroon. Vetten zijn nodig als geconcentreerde energiebron. Vitamines A, D, E en K (ook wel vetoplosbare vitamines genoemd), krijgen we namelijk alleen maar binnen door het eten van vet. Vet bevat niet alleen essentiële vetzuren als linolzuur en alfa linoleenzuur, het zorgt tevens voor een betere stoelgang en is een smaakmaker die een verzadigingsgevoel geeft. Uit onderzoek blijkt echter dat we gemiddeld te vaak en te veel vet eten. Maar vooral kiezen we voor voeding met een verkeerde vetsamenstelling: de verzadigde vetzuren.


Voeding en Vetzuren

Onze voeding kent drie soorten vetzuren:

Verzadigde vetzuren: deze komen voor in vlees, melk en melkproducten, kokos, cacao, koek, sauzen en snacks.

Enkelvoudig onverzadigde vetzuren: komen voor in olijven, olijfolie, pinda's en de meeste noten.

Meervoudig onverzadigde vetzuren: komen voor in zaden, zonnebloemolie, lijnzaadolie, sesamolie, saffloerolie, tarwekiemolie, walnoten en vette vis (o.a. sardines, tonijn, haring, ansjovis, makreel, zalm).


Verzadigde vetzuren

Verzadigde vetzuren zijn ongezonde vetten en zijn weinig functioneel voor het lichaam. Het lichaam breekt deze vetten niet of slecht af. Dit kan cholesterol verhogend werken. Op de lange duur kan dit zelfs leiden tot b.v. aderverkalking of hartproblemen.


Enkelvoudig en Meervoudig Onverzadigde Vetzuren

Dit zijn functionele vetten: onverzadigde vetzuren. Ze worden onderverdeeld in Omega 3, Omega 6 en Omega 9 Vetzuren. Ze worden Essentiële Vetzuren genoemd, omdat het lichaam ze niet zelf kan aanmaken en het dus nodig is om ze via de voeding binnen te krijgen. Ook worden Omega 3 en 6 samen wel eens als Vitamine F Complex aangeduid.


Omega Vetzuren

Doordat onze leefstijl en voedingsgewoonte de laatste jaren sterk veranderd zijn, is de balans van vetzuren danig verstoord geraakt. De inname van Omega 6 vetzuren is toegenomen ten koste van de Omega 3 vetzuren, terwijl het belangrijk is dat deze twee met elkaar in balans zijn. Daar deze vetzuren voor hun omzetting dezelfde enzymen gebruiken, remt een overmaat aan Omega 6 vetzuren de omzetting van Omega 3 vetzuren.

 

Essentiële vetzuren (zoals linolzuur in zonnebloemolie) zijn zeer gevoelig voor oxidatie, en worden tijdens bakken en braden meestal omgezet in toxische verbindingen. Hoewel mensen misschien dus wel bakken in goede vetten, raakt de werking verloren. Veel mensen blijken een tekort aan essentiële vetzuren te vertonen. Door de (relatieve) overmaat aan linolzuur (Omega 6) en de teruggang in de (vette) visconsumptie is de verhouding tussen Omega 3 en Omega 6 vetzuren in de voeding uit balans geraakt. De optimale verhouding omega 6 : omega 3 is 4:1. In het Westerse voedingspatroon is deze verhouding vaak tussen 10:1 - 20:1.


Functies van Omega Vetzuren

'Omega' is de laatste letter van het Griekse alfabet. Bij deze vetzuren duidt het op de laatste/het einde van een keten, waar ze gesitueerd zijn. Uit onderzoek komt naar voren dat deze essentiële vetzuren een positieve invloed op de gezondheid lijken te hebben: een goede werking op aspecten van zowel de lichamelijke als de geestelijke conditie. Ze lijken onontbeerlijk te zijn voor een normale structuur en functie van de celmembranen, een belangrijke rol te spelen bij zuurstof transport en energie overdracht aan de cellen. Verder zijn ze betrokken bij de vorming van hormoonachtige stoffen die een groot aantal stofwisselingsprocessen aansturen en een belangrijke rol spelen bij onder andere allergische reacties en ontstekingen.


Omega 3 Vetzuren

Omega 3 vetzuren zijn meervoudig (sterk) onverzadigde vetzuren. Tot deze groep behoren:

Plantaardige oliën (zoals bv. Lijnzaadolie): alfa Linoleenzuur

Visoliën: EPA (EisosaPentanoïc Acid) en DHA (DocosaHexaeen Acid)

EPA/DHA zijn essentiële, zogenaamde ' lange keten vetzuren' die in vette vis voorkomen.


Uit onderzoek komt het volgende naar voren over de werking van Omega 3 vetzuren, ze:

  • Optimaliseren de balans van vetzuren in het lichaam
  • Hart en Bloedvaten: cholesterolverlagend, bloeddrukverlagend, houden het bloed dun
  • Bevorderen het natuurlijke afweersysteem, ontstekingswerend, anti-allergische werking
  • Reguleren de hormoonhuishouding
  • Bevorderen de glucose- en vetstofwisseling
  • Bevorderen sterke botten en soepele gewrichten
  • Stimuleren de hersenfuncties (neurologisch)
  • Stimuleren het gezichtsvermogen
  • Bevorderen de geestelijke balans.

 

Omega 6 Vetzuren

Omega 6 vetzuren zijn ook meervoudig onverzadigde vetzuren. Ze zijn minder sterk onverzadigd dan de Omega 3 vetzuren. De bekendste Omega 6 vetzuren zijn:


Linolzuur

Linolzuur zit in plantaardige olie, margarine, zaden en noten. Linolzuur is vanwege de cholesterol verlagende eigenschappen een zeer commercieel product geworden. Inmiddels is bekend dat ook andere vetzuren deze eigenschap hebben en dat het lichaam behoefte heeft aan meerdere vetzuren.

  • GLA (Gamma Linoleenzuur)
  • GLA komt van nature voor in Teunisbloemolie, Borage- of Zwarte bessenzaadolie en:
  • Remt ontstekingsreacties
  • Remt trombosevorming
  • Werkt bloeddrukverlagend
  • Remt de aanmaak van cholesterol
  • Stimuleert afweercellen en dus het immuunsysteem
  • Vermindert premenstruele klachten
  • Vermindert huidaandoeningen
  • (Ook lijkt het bij MS een gunstige werking te kunnen hebben).

Archidonzuur

Archidonzuur zit voornamelijk in vlees. Het is een minder gunstig vetzuur, daar het ontstekingsbevorderend kan werken en het schade toe lijkt te kunnen brengen aan b.v. hersencellen.

 

Omega 9 Vetzuren

Omega 9 vetzuren zijn enkelvoudig onverzadigd. Het meest bekend is oliezuur in olijfolie; dit heeft een:

  • Cholesterolverlagend effect
  • Stimuleert een elastische celwand

Omega Vetzuren Supplementen

In principe zou een goed en uitgebalanceerd voedingspatroon een goede leverancier voor Omega vetzuren zijn. Toch kan het raadzaam zijn om supplementen te nemen, daar:

  • Linoleenzuur in het menselijke lichaam in principe omgezet kan worden tot respectievelijk EPA en DHA vetzuren. Deze reacties verlopen echter zeer langzaam en kunnen onder bepaalde omstandigheden (verkeerde voedingsgewoonten, ouderdomsverschijnselen etc.) onvoldoende zijn. Voor een mens is het onmogelijk Omega 3 vetzuren en Omega 6 vetzuren in elkaar om te zetten, zodat een voldoende inname van elke soort noodzakelijk is. Zelfs als men veel en vaak of iedere dag vette vis eet (100 - 200 gram vis per persoon per dag) blijkt het moeilijk, zo niet onmogelijk om de gewenste c.q. nodige hoeveelheid EPA en DHA op te nemen. De door de Nederlandse Gezondheidsraad aanbevolen hoeveelheid EPA/DHA is 200 mg per dag.

Omega Vetzuren Specifiek

Ook voor vrouwen die zwanger zijn, voor de gezondheid van de ongeboren vrucht en later de zuigeling, blijkt een goede vetzuurbalans (genuttigd door de moeder) heel belangrijk te zijn, met name voor de ontwikkeling van de hersenen en de ogen.

 

Supplementen met Omega vetzuren met de juiste EPA/DHA verhouding, blijken een goede werking te hebben bij kinderen/mensen met leerproblemen, bv. Dyslexie. Ook blijkt een goed effect bij kinderen met stoornissen uit het Autistisch Spectrum.


Risicogroepen voor tekorten van EPA en DHA (lange keten Omega vetzuren) zijn vooral:

  • Vrouwen die zwanger zijn
  • Vrouwen die borstvoeding geven
  • Kinderen tot 2 jaar
  • Oudere mensen
  • Mensen die nooit, weinig of bijna nooit vis eten.

Vitamine tekort kan een burn out veroorzaken

Posted by Tineke on February 21, 2011 at 7:18 AM Comments comments (0)

Vitamine tekort kan een burnout veroorzaken


Burnout

Te veel stress en te weinig nachtrust kan geestelijke en lichamelijke klachten veroorzaken en het gevoel uitgeblust en opgebrand te zijn. Burnout is typisch een ziekte van deze tijd. Door jarenlang in hun werk op te gaan en steeds minder rustpunten door onze nieuwe 24 uurs-economie raken mensen opgebrand. Mobiele telefoon en het internet hebben daar ook geen goed aan gedaan. We moeten grenzen stellen en dat is haast onmogelijk in deze tijd.


Volgens de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft 7,2% van de Nederlandse beroepsbevolking (is ongeveer 490.000 personen) last van een klinische burnout. Daarnaast heeft nog 16,1 tot 22,0% van de werkende beroepsbevolking een verhoogd risico op een burnout. Meer dan 30.000 mensen zitten in de WAO wegens psychische klachten. Deze bestaan grotendeels uit overspan-nenheid, depressiviteit en burnout. Hierdoor is burnout tot een macro-economisch en een miljardenprobleem geworden.


Door langdurige stress gaan er in het lichaam een aantal zaken veranderen, bijv. de hormoonhuishouding. Door langdurige stress zal het CRH (cortisol releasing hormone) stijgen waardoor ook het ACTH (Adrenocorticotroop hormoon) zal gaan stijgen. Dit leidt op zijn beurt weer een tot een cortisolstijging. Een verhoogd cortisol geeft een stressgevoel, waarop de adrenaline weer stijgt. Daarnaast stijgt de endorfine, waardoor de pijnperceptie daalt. Het dopaminegehalte daalt. Dopamine staat ook bekend als prolactin inhibiting hormone. Als de dopaminespiegel daalt, stijgt de prolactinespiegel. Bovendien zal als secundaire reactie de adrenalinespiegel dalen. De serotoninespiegel daalt ook waardoor de cortisolspiegel zal stijgen. Er ontstaat een cerebraal spoor door psycho-emotionele en cerebrale conditionering.


Een burnout kondigt zich aan door gevoelens van lichamelijke en emotionele uitputting. De eerste signalen zijn meestal nogal vaag: slecht slapen, niet lekker in je vel zitten, opgejaagd voelen, geen zin in seks, geen zin in werken, moe enz. Uiteindelijk het gevoel helemaal opgebrand te zijn, geen concentratie meer en het geheugen functioneert ook niet meer. De daardoor ontstane onzekerheid kan zich uiten in geen beslissingen durven nemen en het krijgen van angstaanvallen.


Fysiek levert chronische stress een aanslag op de gezondheid: het immuunsysteem raakt volkomen ontregeld, waardoor je vatbaar wordt voor allerlei ziektes. Er is een grote kans dat de bloeddruk stijgt en de vruchtbaarheid vermindert. Uiteindelijk leidt chronische stress tot een verstoring van de neuro-immunologie en hormonale balans.


Heeft u last van een BURNOUT?

 

Test:

Maak een rondje zwart bij alle factoren die van toepassing zijn.

 

O Ik ben niet zo lang geleden gescheiden.

 

O Ik heb problemen met mijn relatie.

 

O Ik ben met pensioen.

 

O Ik heb financiële problemen.

 

O Ik zorg voor iemand die niet voor zichzelf kan zorgen.

 

O Iemand van wie ik hield is overleden, of weggegaan.


Gedachten en gevoelens

 

Maak een rondje zwart bij alle factoren die van toepassing zijn.

 

O Als het er op aan komt is het leven zinloos.

 

O Alle dagen zijn hetzelfde

 

O Waarom laat niemand mij gewoon met rust.

 

O Ik moet alles zelf doen, niemand helpt me.

 

O Niemand geeft om me.

 

O Het maakt niet uit hoe goed ik mijn best doe, het gaat altijd fout.

 

O Soms zie ik het niet meer zitten.

 

O Ik weet niet hoe lang ik alles nog kan volhouden.


Symptomen

 

O Ik kom moeilijk in slaap, slaap onrustig, wordt te vroeg wakker.

 

O Ik kom ''s ochtends moeilijk mijn bed uit. Ik voel me altijd moe, zelfs als ik goed                 geslapen heb.

 

O Ik heb last van duizeligheid en hartkloppingen.

 

O Ik heb maag- of darmklachten.

 

O Ik heb de neiging te veel te eten.

 

O Ik drink meer alcohol dan goed voor me is.

 

O Ik heb veel kleine ongelukjes.

 

O Soms geef ik met winkelen te veel geld uit.

 

O Ik moet vaak huilen zonder dat ik weet waarom.

 

O Ik gebruik kalmeringsmiddelen zonder doktersvoorschrift.

 

Als u minstens twee kruisjes hebt geplaatst bij alle drie de categorieën, is de kans groot dat u last heeft van een burnout. Hoe meer kruisjes des te ernstiger is de burnout.

 

Het verschuiven van de stressrespons

Ongeveer één op de tien Nederlandse werknemers lijdt aan burnout. Burnout is het gevolg van chronische (psychische) overbelasting, waarbij de verhouding tussen draagkracht en draaglast langdurig uit balans is geweest. Allerlei factoren kunnen daarbij een rol spelen, zoals de persoonlijkheidsstructuur (perfectionisme, verantwoordelijkheid, behoefte aan controle), werkomstandigheden (hoge werkdruk, onduidelijke taakafbakening, fusie), privéproblemen (problemen met kinderen, te weinig vrije tijd) en ingrijpende levensgebeurtenissen (dood, scheiding, verhuizing). De stressrespons, het algemene adaptatiesyndroom zoals beschreven door onderzoeker Hans Selye, verschuift dan geleidelijk van de resistentie- of weerstandsfase naar de uitputtingsfase.


Fysieke en psychische klachten

Bij chronische stress staat de over(re)activiteit en overbelasting van de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HHB-as) centraal, waardoor de cortisolspiegel in het bloed langdurig te hoog is. Aanhoudende psychische stress leidt tot klachten zoals chronische vermoeidheid, geheugen- en concentratieproblemen, onrust, wisselende stemmingen, hoofdpijn, depressie, apathie, angst, vergeetachtigheid, besluiteloosheid, een negatief zelfbeeld en slapeloosheid. Daarnaast ontstaan allerlei fysieke klachten zoals spijsverteringsproblemen, spierpijn, hoge bloeddruk, verminderde afweer en potentiestoornissen. De bijnieren, die verantwoordelijk zijn voor de productie van de stresshormonen cortisol en (nor)adrenaline, raken steeds meer uitgeput en er ontstaat een gevoel van opgebrand zijn. De betrokkene is oeverloos moe. De stresstolerantie is minimaal, slapen verkwikt niet meer en de herstelperiode na fysieke of psychische belasting duurt veel te lang.


Cortisol is neurotoxisch

De emotionele en mentale klachten die ontstaan door chronische psychische stress en burnout zijn mede het gevolg van de langdurige blootstelling van de hersenen aan cortisol, het belangrijkste stresshormoon. Cortisol is neurotoxisch voor het limbische systeem, het ''emotionele'' brein (hippocampus, amygdala), de hypothalamus en hypofyse. Die delen van de hersenen reguleren onder meer het gevoelsleven, denken, slaap, seksualiteit, lichaamstemperatuur en het honger- en dorstgevoel. Als de cortisolspiegel langdurig te hoog is, leidt dat tot disfunctie en beschadiging van hersencellen, een lagere spiegel en een verstoorde werking van neurotransmitters (zoals serotonine, dopamine, acetylcholine). De hersencellen nemen dan ook minder glucose op. In de hippocampus bijvoorbeeld, het belangrijkste leer- en geheugencentrum in de hersenen, leidt dat tot concentratieen geheugenstoornissen en op den duur tot cognitieve achteruitgang. Door verstoringen in het limbische systeem ontstaan stemmingsstoornissen (depressie, angst, onrust, onzekerheid) en slaapproblemen. Normaal gesproken zorgt cortisol voor de demping van de stressrespons door terugkoppeling via de hippocampus. Maar doordat de hippocampus op den duur in functie achteruitgaat, is die terugkoppeling steeds minder effectief en blijft de HHB-as op volle toeren doordraaien. De stressreactie kan als het ware niet goed worden uitgezet. De reactie op stressoren neemt zelfs toe. Ten slotte kunnen de bijnieren de productie van cortisol en andere hormonen niet meer bolwerken en treedt bijnieruitputting op. Burnout is het resultaat.


Sterke onderlinge wisselwerking

De volgende factoren beïnvloeden en versterken elkaar en dragen bij aan emotionele en mentale (vermoeidheids)klachten:

  • De te hoge cortisolspiegel is toxisch voor het hersenweefsel en leidt tot het chronisch worden van de stressrespons. De toename van catecholamines (noradrenaline, adrenaline) heeft een negatieve weerslag op het geheugen, het rationele denken en de concentratie.
  • In de hersenen is de productie en werking van neurotransmitters (serotonine, dopamine, acetylcholine, noradrenaline) verstoord. Dit leidt tot mentale en emotionele problemen naast verstoringen van de eetlust, slaappatroon, seksualiteit, et cetera.
  • De hoge cortisol- en adrenalinespiegel leidt tot verstoring van de glucosestofwisseling en toenemende insulineresistentie. Hierdoor ontstaan uiteindelijk hypoglycemieklachten, die vaak psychisch van aard zijn (stemmingswisselingen, onrust, vergeetachtigheid, angst, gevoel alsof het hoofd met watten is gevuld, neerslachtigheid, concentratieproblemen, leerproblemen, geïrriteerdheid).
  • De doorbloeding van de hersenen is verminderd als gevolg van chronische stress (mede door vaatvernauwing en een verhoogde bloedviscositeit), waardoor voedingsstoffen en zuurstof de hersencellen minder goed bereiken en afvalstoffen niet goed worden afgevoerd.
  • Een tekort aan vitamines, mineralen en essentiële vetzuren is een veelvoorkomende oorzaak van energieverlies en vermoeidheid. Door chronische stress ontstaan sneller tekorten aan essentiële voedingsstoffen, waaronder de B-vitamines, vitamine C, magnesium, kalium en chroom. Dit is het gevolg van een verhoogd verbruik, een verminderde opname (de spijsvertering werkt in het algemeen minder goed) en een verhoogde uitscheiding van nutriënten als gevolg van stress. Het resultaat is verergering van de stressrespons en de daaruit voortvloeiende klachten.
  • Door chronische stress is de vrije-radicalenbelasting in de hersenen en elders in het lichaam toegenomen.
  • Chronische stress gaat gepaard met een verstoorde immuunrespons. Een hoge cortisolspiegel onderdrukt de normale afweerreactie, maar is ook geassocieerd met stijging van de bloedspiegel van C-reactive protein. C-reactive protein is een ontstekingsmarker en indicator voor een sluimerende chronische ontstekingstoestand. Bijnieruitputting en verstoring van de glucosestofwisseling (insulineresistentie) leiden tot een verhoogde productie van ontstekingsbevorderende prostaglandines en cytokines (zoals interleukine-6) en een verhoogde gevoeligheid voor infecties en allergieën. Dit versterkt de vermoeidheid en veroorzaakt griepachtige symptomen. Cytokines activeren de HHB-as opnieuw, wat tot verdere uitputting leidt.
  • Overactiviteit van de HHB-as remt de schildklierfunctie, hetgeen kan bijdragen aan de uit chronische stress voortkomende klachten.

Ondersteuning met voedingssupplementen

Neerslachtigheid door stress is een voorbeeld van een psychische klacht die, puur gezien vanuit de lichamelijke kant, vermoedelijk het resultaat is van de wisselwerking tussen bovengenoemde factoren: verlaging van neurotransmitters (serotonine, dopamine), de inwerking van cortisol, een wisselende bloedglucosespiegel, een grotere belasting met vrije radicalen en ontstekingsmediatoren en een verminderde doorbloeding van de hersenen waardoor de toxische belasting toeneemt.


Vermoeidheid als (alarm)signaal

Vermoeidheid of gebrek aan energie is een normaal fysiologisch verschijnsel na inspanning en geeft aan dat het lichaam rust en voeding nodig heeft om te herstellen. Overigens is een juiste mate van (geestelijke en lichamelijke) activiteit belangrijk, want ook verveling en gebrek aan beweging maken moe. Vermoeidheid die te lang duurt, niet in verhouding staat tot de geleverde inspanning en bovendien onvoldoende reageert op rust, verdient de aandacht. Het zelfherstellende vermogen van het lichaam schiet tekort, wat zijn weerslag heeft op het dagelijkse functioneren. Vermoeidheid is chronisch wanneer deze langer dan zes maanden duurt. Het lastige met moeheid is dat het een aspecifiek symptoom is, waaraan talloze factoren ten grondslag kunnen liggen. Het opsporen en benoemen van de mogelijke onderliggende oorzaken is een belangrijke stap in het succesvol behandelen van vermoeidheidsklachten wanneer deze niet vanzelf verdwijnen.


Oorzaken van vermoeidheid

Een verminderde energieproductie in de lichaamscellen (mitochondriale Krebs- of citroenzuurcyclus) kan verschillende (biochemische en fysiologische) oorzaken hebben die elkaar onderling meestal sterk beïnvloeden en versterken.

 

1. Moe door nutriëntentekorten

 

Een (geïsoleerd) tekort aan vitamines, mineralen, aminozuren en essentiële vetzuren (vooral omega-3-vetzuren en bij een vetarm dieet ook omega-6-vetzuren) kan leiden tot vermoeidheidsklachten. Vermoeidheid is vaak een vroeg symptoom van nutriëntentekorten.


Oorzaken:

 

1. Lagere inname door ongezonde eetgewoonten, veroudering en/of gebrekkige spijsvertering.

2. Verhoogde behoefte en/of uitscheiding op basis van biochemische individualiteit of door fysieke of emotionele stress, (chronische) ziekte of toxische belasting (alcohol, roken, medicijnen, additieven, zware metalen).

 

Als er sprake is van vermoeidheid veroorzaakt door een nutriëntentekort is de aanvoer van vitamines en mineralen de basis van uw behandeling. Daarvoor kunt u het beste een vitaminen en mineralencomplex inzetten, zoals bijvoorbeeld: Soft Multiple, Multi 4 of Multi Max. Soms kan het nodig zijn daarnaast een afzonderlijke B-vitamine (bijvoorbeeld B12 bij een verminderde spijsverteringsfunctie) of een ander supplement te adviseren.

 

2. Moe door chronische stress (1)

Chronische stress is het resultaat van langdurige psychische en/of lichamelijke overbelasting. Stress leidt tot overactiviteit van de bijnieren en eventueel bijnieruitputting en gaat gepaard met vermoeidheidsklachten. Dit algemene adaptatiesyndroom van Selye volgt een vast patroon, onafhankelijk van de aanleiding. In de Product Special 1: "Vermoeidheid door chronische psychische stress en burnout" zijn we hier dieper op ingegaan. Stress leidt ontegenzeggelijk tot een verhoogde behoefte aan nutriënten zoals vitamine C, magnesium, B-complex, kalium e.d. door een toegenomen verbruik en uitscheiding. Het lastige is echter dat de spijsvertering bij stress vaak te wensen overlaat. Aanvulling van de betrokken nutriënten leidt tot demping van de stressrespons en een betere stressbestendigheid.

 

3. Moe door schildklierdisfunctie

De schildklier is de centrale regulator van het (energie)metabolisme. Aangezien de schildklier de stofwisselingssnelheid bepaalt, en daarmee de snelheid van energieproductie, kan disfunctie van de schildklier (onder- maar ook overactiviteit) leiden tot vermoeidheidsklachten. Ook vergeetachtigheid, stemmingswisselingen, depressie en spierzwakte kunnen wijzen op een verminderde schildklierfunctie. Hypothyroïdie wordt in de helft van de gevallen over het hoofd gezien. Risicogroepen zijn vrouwen, ouderen (van de zestigjarigen heeft zeker zeventien procent van de vrouwen en negen procent van de mannen een trage schildklierwerking) en mensen met diabetes. Mogelijke oorzaken van schildklierdisfunctie zijn: ontsteking, autoimmuniteit, zware metalenbelasting (kwik), nutriëntentekorten (riboflavine, jodium, selenium, vitamine A etc.), chronische stress en voeding (soja, cassave, pinda''s, lijnzaad en kool remmen de jodiumutilisatie).

 

4. Moe door overbelasting en/of ontregeling immuunsysteem

Vermoeidheid is een uiting van een disbalans van het afweersysteem. Chronische immuunactivatie en/of -disregulatie speelt een rol bij: chronische infecties met parasieten, schimmels (candidiasis), bacteriën of virussen, allergieën, (voedsel) intoleranties, autoimmuniteit, chronische stress, toxische belasting, langdurige oxidatieve stress en voedingstekorten (bijvoorbeeld een tekort aan omega-3-vetzuren).

 

5. Moe door een verstoorde glucosehuishouding

Glucose is de primaire energiebron voor de lichaamscellen. Een verstoring van de glucosestofwisseling (hypoglycemie, insulineresistentie, syndroom X, diabetes) door ongezonde eet- en leefgewoonten, nutriëntentekorten, chronische stress en/of overgewicht veroorzaakt vermoeidheidsklachten. Bij insulineresistentie en hyperinsulinemie bestaat een verhoogde behoefte aan zink en andere stoffen die bij de glucosestofwisseling betrokken zijn.

 

6. Moe door chronische vergiftiging

Een te hoge belasting met giftige stoffen (stofwisselingsproducten, zware metalen, voedseladditieven, vaccinaties, roken, toxines geproduceerd door micro-organismen, medicijnen, alcohol, toegenomen toxische belasting door een lekkende darm) leidt tot vermoeidheid en een lage inspanningstolerantie. Er bestaat een disbalans tussen de hoeveelheid toxines in het lichaam en het vermogen om deze gifstoffen onschadelijk te maken en uit te scheiden, waarbij lever, nieren, maagdarmkanaal, huid, longen en bloedsomloop betrokken zijn. Dit leidt onder meer tot toename van de oxidatieve stress, een chronisch geactiveerd immuunsysteem, verzuring en een verhoogd verbruik van essentiële nutriënten. De remedie is om de toevoer van toxische stoffen in te dammen en te zorgen dat de uitscheidingsorganen goed functioneren.

 

7. Moe door oxidatieve stress

Oxidatieve stress, een disbalans tussen oxidanten en antioxidanten, leidt tot vermoeidheid, mede door beschadiging van celmitochondriën die verantwoordelijk zijn voor de energieproductie. De oxidatieve stress neemt toe bij een versnelde stofwisseling (sport, hyperthyroïdie, koorts, trauma), een geactiveerd immuunsysteem, stress en chronische ziekten.

 

8. Moe door spijsverteringsproblemen

Een gebrekkige spijsvertering maakt moe. Ook helpen supplementen die de spijsvertering ondersteunen en een gezonde darmflora bevorderen, met als gevolg:

 

* Verbetering van de opname van aminozuren, vetten, koolhydraten en essentiële nutriënten, nodig voor een optimale gezondheid.

 

* Verlaging van de toxische belasting door dysbiose en candidiasis, rotting van voedselresten en passage van belastende (en ontstekingsbevorderende) stoffen door een lekke darmwand (leaky gut).

 

* Versterking van het immuunsysteem dat voor een belangrijk deel zetelt in het darmslijmvlies, waardoor de weerstand tegen infecties toeneemt.

 

9. Moe door long- en bloedcirculatieproblemen

Vermoeidheid treedt ook op als cellen onvoldoende worden voorzien van zuurstof en voedingsstoffen door long en bloedcirculatieproblemen (hartfalen, COPD, aderverkalking, hypertensie, angina pectoris) en chronische stress (verhoogde bloedviscositeit, vaatvernauwing, oppervlakkige ademhaling). Dit leidt tot een hogere toxische belasting, verzuring en minder energie.

 

Opheffen tekort of farmacologische werking

De werking van voedingsstoffen in het schema is in veel gevallen gebaseerd op het opheffen van tekorten. Een zink- tekort leidt tot een verminderde afweer, het opheffen van dit tekort tot een verbetering. Zink verbetert de afweer dus niet wanneer de zinkstatus en het zinkmetabolisme al optimaal zijn. Dit geldt ook voor ijzer. Voor bijvoorbeeld vitamine C, co-enzym Q10, L-carnitine en chroom geldt dit niet; hogere (farmacologische) doses hebben een aanvullende (medicinale) werking los van de fysiologische.

 

www.tycoons.nl

 

 


Omega 3

Posted by Tineke on February 20, 2011 at 2:10 PM Comments comments (0)

Omega-3-vetzuren


Omega-3-vetzuren zijn een groep meervoudig onverzadigde vetzuren. Er is één vetzuur uit deze groep, alfa-linoleenzuur, dat onder de categorie essentiële vetzuren  valt. Andere vetzuren zoals DHA en EPA in deze groep kunnen door het lichaam worden gesynthetiseerd. Om dit in voldoende mate plaats te laten vinden is het wel noodzakelijk voldoende plantaardige bronnen van alfa-linoleenzuur in het dieet op te nemen. Aan omega-3-vetzuren worden positieve eigenschappen toegeschreven in het voorkomen van hart- en vaatziekten, artritis en depressies. Omega-3-vetzuren verlagen het crcholesterolgehalte in het bloed en zijn onder meer van belang voor de oogfunctie en de hersenstofwisseling.


Essentieel voor de mens

Strikt genomen is van de omega-3-vetzuren alleen alfa-linoleenzuur essentieel. Dat wil zeggen dat dit vetzuur, net als vitamines (uitgezonderd vitamine D), niet door de mens zelf gemaakt kan worden en via de voeding binnengekregen moeten worden. De andere omega-3-vetzuren kunnen door het lichaam uit alfa-linoleenzuur worden gemaakt. Daarvoor is wel noodzakelijk dat diverse enzymen in het lichaam in voldoende mate beschikbaar zijn en dat deze enzymen niet voor andere doeleinden gebruikt worden. Onderzoek wijst uit dat de omzetting bij vrijwel alle mensen voldoende efficiënt is indien er voldoende alfa-linoleenzuur in de voeding aanwezig is en de overmaat aan linolzuur niet te groot is (± 4× zoveel linolzuur als alfa-linoleenzuur). Voor mensen die in hun dieet weinig plantaardige bronnen van alfa-linoleenzuur opnemen, is het ook essentieel om wat EPA en DHA in de voeding op te nemen. Behalve voor het maken van EPA en DHA heeft ALA voor het lichaam geen functie.


Hart en vaatstelsel

De Inuit (ook bekend onder de naam Eskimo's) consumeren grote hoeveelheden omega-3-vetzuren uit vette vis. Zij blijken een verhoogd HDL-cholesterolgehalte te hebben en een verlaagd triglyceridengehalte. Er zijn diverse wetenschappelijke onderzoeken die tot de conclusie komen dat visoliesupplementen (die EPA en DHA bevatten) het ongunstige LDL-cholesterol en de triglyceridengehaltes verlagen. Niettemin verscheen in maart 2006 in het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift British Medical Journal een meta-analyse van studies in de periode tussen 2002 en 2006. Daarbij kwamen de onderzoekers tot de conclusie dat omega-3-vetzuren geen duidelijk effect hebben op totale sterfte, op cardiovasculaire aandoeningen en op kanker.

Deze studie was vollediger dan de andere, vergelijkbare studies. De bevindingen waren "op het randje" en kunnen een mogelijk belangrijk gezondheidseffect verbergen dat nog niet statistisch significant is.

Deze conclusie staat in schril contrast met een ander review-artikel uit 2006, waar Wang et al. 842 artikelen op het gebied van primaire en secundaire preventie heeft bekeken. De conclusie was dat een verhoogde consumptie van de omega-3-vetzuren EPA en DHA, via vis en/of via voedingssupplementen, zowel de algehele sterfte, het optreden van een hartinfarct en plotselinge hartdood verminderde. Van belang was verder dat geen of slechts zeer weinig complicaties optraden. Ook een onderzoek van de Mayo Clinic bevestigt de beschermende invloed van omega-3-vetzuur op het hart.

Er moet gewaarschuwd worden voor observationele studies in deze context. In observationele studies worden mensen gevolgd die een bepaald product wel of niet nemen. Dit is echter zeer gevoelig voor selectie van gezondheidsbewuste personen. Mensen die gewillig een placebo nemen in gerandomiseerde studies, hebben ook een veel lagere sterfte dan mensen die dat niet doen.

In diverse epidemiologische onderzoeken wordt een verband gelegd tussen de inname van omega-3-vetzuren en een gezondheidsbeschermend effect. Omega-3-vetzuren werken vooral antithrombotisch en kunnen het risico op hart- en vaatziekten verminderen, aangezien de volgende werkingen zijn aangetoond:

  • verlaging van de fibrinogeenspiegels en verbetering van de stromingseigenschappen van het bloed;
  • verlaging van het gehalte aan bloedvetten (triglyceriden) en daardoor een vermindering van het risico op "aderverkalking" (atheromatose);
  • vorming van vaatverwijdende weefselhormonen (eicosanoïden);
  • vergroting van de vloeibaarheid van celmembranen;
  • verlaging van de bloeddruk;
  • vermindering van het risico op plotselinge hartdood (antiarrhythmische effecten);
  • verbetering van de werking van witte bloedcellen (leukocyten) bij ontstekingsreacties.

Hersenfuncties

Het zenuwstelsel heeft van alle weefsels in het lichaam het hoogste vetpercentage. Volgens dr. David Horrobin, een pionier in het onderzoek naar essentiële vetzuren, bestaat ongeveer 8% van de hersenen uit omega-3-vetzuren. Met name DHA wordt aldaar ingebouwd in fosfolipidenmembranen en in de myelineschede rondom zenuwcellen. Om deze reden worden omega-3-vetzuren bij diverse psychische aandoeningen ingezet:


Agressie

Niet alleen muizen, maar ook mensen lijken gevoelig voor omega-3-vetzuurinname in verband met agressie. Het blijkt dat moord vaker voorkomt bij mensen die weinig omega-3-vetzuren eten. Lage bloedwaarden van deze vetzuren worden vaak gezien bij mensen die voor openbare geweldpleging op de bon zijn geslingerd. Door middel van jarenlange inname van omega-3-vetzuren neemt agressie echter af. Twee studies hebben een positief effect van omega-3-vetzuren op de impulsbeheersing/agressie aangetoond.


Klinische depressie

De Omega-3-vetzuurcommissie van de American Psychiatric Association (APA) heeft de studies naar de potentiële gunstige effecten van omega-3-vetzuren geanalyseerd en komt tot de conclusie dat ze een gunstig effect op depressies hebben.


Bipolaire stoornis

Een onderzoek van Andrew L. Stoll en collega's van de Harvard Universiteit is een van de eerste systematische pogingen om het verband tussen omega-3-vetzuren en verbetering van de impulsoverdracht in de hersenen ook klinisch aan te tonen. Zij vonden dat patiënten met bipolaire stoornis (ook wel manisch-depressieve stoornis genoemd) na negen maanden visoliesuppletie aanmerkelijk opgeknapt waren in vergelijking met een placebogroep. Momenteel is er veel onderzoek gaande naar de invloed van omega-3-vetzuren op de impulsoverdracht in zenuwweefsel en de klinische uitwerking daarvan.Inmiddels is aangetoond dat omega-3-vetzuren een positieve bijdrage aan de behandeling van een bipolaire stoornis leveren.


ADHD

Kinderen die in hun eerste levensjaren tekorten hebben aan omega-3-vetzuren krijgen later eerder ADHD of nemen eerder een agressieve houding aan, wordt door sommige wetenschappers betoogd .Studies naar het effect van omega-3-vetzuren op ADHD laten deels tegenstrijdige effecten zien. Soms met positieve effecten als uitkomst[18], terwijl in andere studies geen gunstige effecten worden gevonden. De kwaliteit van bepaalde studies is niet altijd even goed.


Dementie en de ziekte van Alzheimer

Dierproeven tonen aan dat hersenfuncties- en doorbloeding gunstig worden beïnvloed door toediening van omega-3-vetzuren. In theorie zouden omega-3-vetzuren het risico op het ontwikkelen van de ziekte van Alzheimer verlagen. Dit blijkt echter niet uit onderzoek: de uitkomsten van studies zijn soms tegenstrijdig, of de kwaliteit van de studies is onvoldoende.


Aanbevelingen van de Omega-3-vetzuur Commissie van de APA voor het gebruik van omega-3-vetzuren in de psychiatrie:

  • Alle volwassenen zouden tenminste 2 maal per week vis moeten eten
  • Patiënten met een stemmings-, impulsbeheersings-, of psychotische stoornis, zouden 1 g EPA + DHA moeten consumeren
  • Een supplement kan nuttig zijn bij patiënten met een stemmingsstoornis (1-9 g per dag). Gebruik van > 3 g per dag onder toezicht van een arts.

Oogfunctie

Omega-3-vetzuren kunnen een bijdrage leveren aan het voorkomen van macula degeneratie (MD). Echter, de studies hiernaar spreken elkaar soms tegen, en zijn niet in alle gevallen van even goede kwaliteit. Een aanbeveling, over het gebruik van omega-3-vetzuren ter voorkoming van MD, kan men daarom vooralsnog niet doen.

Het gezichtsvermogen van baby's verbeterde door suppletie met omega-3-vetzuren. Uit veiligheidsoverwegingen kan geen gebruiksadvies worden gegeven vanwege de rol van omega-3-vetzuren bij de ontwikkeling van het immuun- en vasculaire systeem van de pasgeborenen. Grotere onderzoeken zijn nodig om de veiligheid en effectiviteit beter in kaart te brengen.


 

Bron:http://nl.wikipedia.org/wiki/Omega-3-vetzuren

 



Veel voorkomende "psychosomatische" en stofwisseling klachten bij een verminderde werking van ons afweersysteem zijn;

Posted by Tineke on February 20, 2011 at 8:57 AM Comments comments (0)

 

Veel voorkomende "psychosomatische" en stofwisseling klachten bij een verminderde werking van ons afweersysteem zijn;

  • Hoofdpijnen & Uitputting verschijnselen
  • Chronische vermoeidheid ''MS'' & Concentratiestoornis
  • Hyper actief "ADHD" & Diabetes
  • Gewricht en spierpijn & Huidklachten "Neurodermitis"
  • Boulimie "vraatzucht" & Overgewicht
  • Zwaarlijvigheid & Anorexia nervosa
  • Slechte, onregelmatige stoelgang & Verhoogde bloeddruk
  • Hartritme stoornis Overgangsklachten
  • Opvliegers & Overmatig transpireren
  • Verminderd Libido & Slaapstoornis
  • Angsten & Cara "Aandoening van de luchtwegen"
  • Agressief & Onredelijk
  • Depressies & Nerveus
  • Oorsuizing & Hooikoorts
  • Allergieën

Oorzaak & Gevolg... van het tekort aan Serotonine!

Het tekort aan serotonine is er de oorzaak van dat de hierboven vermelde klachten ons dagelijks leven nadelig beïnvloeden. De gehele wetenschappelijke wereld spant zich in om onze ziekten te bestrijden en onze gezondheidsbelevenis te verbeteren. Veel ouderen weten maar al te goed dat veel van onze huidige gezondheidsklachten 40 jaar geleden niet of nauwelijks voorkwamen.

 

Uit onderzoek blijkt dat 90% van alle gezondheidsklachten het gevolg zijn van de zware belasting op ons leefmilieu, electrosmog, de toegenomen vervuiling van de wereld waterhuishouding, het ongelimiteerd aanspreken van onze reserves, intensieve veehouderij en landbouw programma's, overbemesting vervuiling van het grondwater, de toegenomen welvaart en daarmee samenhangende manier van leven, het veelvuldig eten van het z.g.n." gemaksvoeding ", zijn mede oorzaak van ons verminderde weerstandsvermogen met als gevolg het te kort aan serotonine om ons organisme te behoeden voor veel welvaartsziekten zoals deze in toenemende maten ons dagelijks leven beïnvloeden.

 

Serotonine is het aminozuur bij uitstek dat ons weerstandsvermogen voedt, bij een onregelmatige serotoninespiegel voelen we ons niet FIT, maar moe en lusteloos, herstellen we van de wekelijkse FITNESSDAG steeds moeizamer.

Omdat we onze reserves moeten aanspreken, hebben we meer tijd nodig ons mentaal en fysiek te herstellen, ongemerkt plegen we roofbouw op ons kostbare lichaam, moeten vervolgens weer presteren, blijven vermoeid kortom de cirkel is rond, en de basis gelegd voor aandoeningen als hierboven, ook komt het helaas veelvuldig voor dat de klachten nog ernstiger zijn met een dramatischer afloop.

 

Om de heilzame werking van Serotonine en het daarin zich bevindende Melatonine op ons lichaam uit de dagelijkse voedingsmiddelen te halen enkele getallen, om onze dagelijkse behoefte aan Serotonine van 20 -25 Microgram te dekken (volgens Bremer studie) moet je dagelijks 200 Kilo Bananen, of 1000 Kilo augurken, of 100 repen a 250 gram chocolade (70 %) eten!! Een alternatief die in de verste verten niet realistisch is!!


Hoe kerkent men de symptonen?

De tekorten aan de in het lichaam voorkomende, mineralen, vitamine en ijzer, veroorzaken overbelasting van ons centrale zenuwstelsel, ons organisme kan de stress niet meer afbouwen, toenemende concentratieproblemen, met als gevolg meer roken, excessief alcohol gebruik ( om af te reageren) wat overbelasting van ons lichaam tot gevolg heeft. En als we volledig ontregeld zijn belanden we teneinde raad op de stoel bij de huisarts, om op recept aan de kalmeringsmiddelen te gaan, wie herkent dit niet?


Neurotransmitters en het belang van vitamines en mineralen

Een tekort aan één nutriënt kan al een duidelijke uitwerking op de neurotransmitters en hersenenwerking hebben en leiden tot mentale problemen. Belangrijk zijn o.a. vitamine B6, B12, foliumzuur, magnesium, zink, lithium en rubidium.

Het was Linus Pauling die in 1968 als eerste aangaf dat onze voeding wellicht voldoende vitamines –in het bijzonder de B vitamines- bevat om onze lichaamscellen van voldoende voedingsstoffen te voorzien, maar dat daarmee absoluut niet zonder meer óók voldoende voedingsstoffen voor de hersencellen worden geleverd. Dit heeft te maken met de bloed-hersenbarrière; het beschermingsmechanisme tegen toxische stoffen in de hersenen.

Vooral de wateroplosbare substanties hebben moeite deze bloed-hersen barrière te passeren. B-vitamines zijn wateroplosbaar en passeren deze barrière moeilijk. Door ze hoger te doseren is het mogelijk om meer van de noodzakelijke B-vitamines in de hersenen te krijgen.


Tekort aan vitamine: Symptomen:

-B1 (Thiamine) depressie, apathie, angst, geïrriteerdheid, Korsakoff ’s syndroom

-B2 (Riboflavine) depressie, irritatie

-B3 (Niacine) depressie, angst, manie, delirium, labiliteit, irritatie, dementie

-B5 (Pantotheenzuur) onrust, depressie, vermoeidheid, irritatie

-B6 (Pyridoxine) depressie, irritatie, gevoeligheid voor geluid

-B12 (cyanocobalamine) depressie, psychose, verwardheid, geheugenverlies,          hallucinaties, paranoia, irritatie

-Foliumzuur vergeetachtigheid, slaapproblemen, apathie,

 depressie, psychose, dementie, irritatie

-Biotine depressie, matheid, slaperig

-Vitamine-C matheid, depressie, hysterie


Een multivitamineralen-supplement is bij mentale aandoeningen dan ook geen overbodige luxe. 


Tot slot

Kijkend naar de onderzoeken van de laatste jaren dan zien we dat de hersenfunctie wordt gedomineerd door 4 belangrijke biochemische systemen te weten:

- de Serotoninegroep (‘mood’ en slaap)

- De Dopaminegroep (energie)

- De Gabagroep (rust)

- De Acetylocholinegroep (herinnering en denken)


De belangrijkste vitamines en mineralen die bij de verschillende processen in deze groepen betrokken zijn: vitamine B3, B6 en B12, foliumzuur, vitamine-C, magnesium, zink, mangaan, ijzer en koper.


Serotonine

Serotonine is de kalmerende neuro-transmitter. Het bevordert tevredenheid en is verantwoordelijk voor een normaal slaappatroon. Serotonine speelt een cruciale rol in het reguleren van het geheugen, het leren en de bloeddruk. Het is verder belangrijk voor een gezonde eetlust en het behoud van een constante lichaamstemperatuur. Een laag serotoninegehalte kan leiden tot slapeloosheid, depressie, agressie, en verhoogde pijngevoeligheid en wordt in verband gebracht met dwangmatige eetstoornissen.

Serotonine wordt aangemaakt uit het aminozuur tryptofaan in de aanwezigheid van de vitamines B1, B3, B6 en foliumzuur. De activiteit van serotonine-receptoren kan worden beïnvloed door veranderende magnesiumgehaltes in het lichaam. Goede voedings-bronnen van tryptofaan zijn onder meer bruine rijst, zonnebloempitten, pompoen- en sesamzaadjes en bananen. Voor een goed evenwicht van serotonine in ons lichaam vermijdt men best een teveel aan suikerrijk voedsel (zie ook Eva Magazine 5). Als regel wordt gesteld dat voedsel rijk aan complexe koolhydraten het serotonine-gehalte in de hersenen op peil helpt houden, terwijl de inname van veel eiwitrijk voedsel het gehalte aan opwekkende neurotransmitters zou verhogen.


Voedingstekorten

Linus Pauling (Nobelprijs 1968) suggereerde dat een verstoring van het mentaal evenwicht zich kan ontwikkelen als gevolg van tekorten aan bepaalde voedingsstoffen. Hij stelde dat, terwijl het lichaam van voldoende vitaminen en mineralen voorzien was, de hersenen toch nog een tekort konden hebben. Meestal gebruiken we eerder biologische dan psychologische normen om te bepalen of de vitaminestatus in ons lichaam optimaal is.


Vooraleer echter fysieke symptomen worden vastgesteld, kan iemand al depressief, geïrriteerd of zelfs paranoïde zijn als gevolg van een nutritioneel tekort. Van een jodiumtekort, bijvoorbeeld, is geweten dat het de belangrijkste oorzaak is van een verminderde intellectuele ontwikkeling.

Ook een tekort aan vitamine B12 kan schade aan de hersenen toebrengen. Bij een bepaalde studie werden 3.000 mensen getest die verschillende voedingswijzen volgden. Twee op vijf had een laag B12-gehalte en bij 17% was dat gehalte laag genoeg om de symptomen van een tekort te veroorzaken.

Ook andere vitamines van de B-groep werken samen om de gezondheid van onze hersenen en het immuunsysteem te versterken door zenuwweefsel te beschermen tegen oxidatie, het geheugen te verbeteren en door te helpen bij de isolatie van de zenuwuiteinden van zenuwcellen, zodat elektrische impulsen goed kunnen worden doorgegeven. Het lichaam heeft B-vitamines nodig om veel neurotransmitters te produceren. Goede bronnen van B-vitamines in het algemeen zijn volkorengranen (bijvoorbeeld in pasta of brood), rijst, tarwekiemen en noten.


Omdat de hersenen voornamelijk uit vetzuren zijn opgebouwd, zijn ze onderhevig aan oxidatieve schade, veroorzaakt door vrije radicalen. Antioxidanten, zoals de vitamines C en E, carotenoïden en selenium binden de strijd aan met vrije radicalen en kunnen ze uitschakelen. Vers fruit en groenten zijn de beste bronnen van antioxidanten; caro-tenoïden vind je vooral in oranje (zoals worteltjes en zoete aardappelen) en groene bladgroenten (zoals kool en spinazie). Vitamine C is onder meer te vinden in citrus-vruchten, kiwi’s, druiven en groenten als broccoli en paprika. Vitamine E is dan weer aanwezig in zaden en noten. Selenium is ook een heel belangrijke antioxidant en een van de meest krachtige ontgifters van zware metalen, die de hersenen en andere organen beschadigen. Selenium bindt met kwik, lood, arsenicum en cadmium, die allen de werking van de hersenen ontregelen door de plaats van belangrijke mineralen als ijzer, zink en koper in te nemen. Braziliaanse noten zijn zeer rijk aan selenium – eentje ervan volstaat al om de dagelijkse aanbevolen hoeveelheid op te nemen.

 

Magnesium maakt deel uit van verschillende enzymen die essentieel zijn voor het metabolisme van de hersenen en voor cognitieve functies. Zink is heel belangrijk voor de ontwikkeling van de hersenen, voor het leren en voor het goed uitvoeren van taken. Calcium is nodig voor een normale communicatie tussen zenuwcellen en voor de samentrekking van de spieren.

Een tekort aan ijzer bij volwassenen kan resulteren in irritatie, apathie, lusteloosheid, moeheid, concentratiestoornissen, onoplettendheid, en soms zelfs een verminderd IQ.


Cafeïne, alcohol, een overmatige suikerconsumptie of het gebruik van bepaalde medicatie kunnen de voorraad van bepaalde voedingsstoffen sterk verminderen.

                                                       

                                                   Bron:http://www.vegetarisme.be

 

 


 

 


 

 


 



 


Biologische verklaring: De serotoninehypothese

Posted by Tineke on February 20, 2011 at 8:50 AM Comments comments (0)

Biologische verklaring: De serotoninehypothese


Genetisch onderzoek wijst uit dat bloedverwanten van iemand met een eetstoornis vaker zelf een eetstoornis of stemmingsstoornis krijgen. Door verschillende onderzoekers wordt gedacht dat anorexia nervosa, en andere eetstoornissen, in feite stemmingsstoornissen zijn. Eetstoornissen en stemmingsstoornissen zouden op dezelfde manier stofjes in de hersenen beïnvloeden.

 

De stof waar het voornamelijk om gaat is de neurotransmitter serotonine. Neurotransmitters zijn chemische stoffen die uitsluitend in het zenuwstelsel voorkomen, waar de hersenen onderdeel van zijn, en daar boodschappen tussen de zenuwcellen doorgeven. De neurotransmitter serotonine beïnvloed onder andere jouw stemming. Wanneer er veel serotonine wordt vrijgelaten in de hersenen zorgt dit voor een betere stemming, terwijl weinig of geen serotonine ervoor zorgt dat je je slechter voelt.


De neurotransmitter serotonine wordt beïnvloed door wat je eet. Wanneer er veel koolhydraten (suikers) en weinig proteïnen (eiwitten) in het eten zitten wordt de vrijlating van serotonine gestimuleerd, waardoor je stemming beter wordt. Als er dan veel serotonine actief is, zorgt dit ervoor dat je minder trek hebt in koolhydraten. Je kunt dus spreken van een bepaald systeem: bij weinig serotonine in je hersenen krijg je trek in koolhydraten, wanneer je die eet verhoog je het serotonine gehalte waardoor je stemming toeneemt en je trek afneemt. Omdat je dan een tijdje niet eet neemt het serotoninegehalte weer af, en krijg je weer trek.

Dit is een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid om je een idee te geven hoe het globaal in zijn werk gaat. In werkelijkheid zijn er veel meer stoffen die jouw trek en stemming beïnvloeden.


Wanneer het serotoninesysteem in de hersenen ontregelt raakt, zou dit een eetstoornis kunnen veroorzaken of in stand houden.

Die ontregeling kan veroorzaakt worden door lang niet goed te eten, en door andere gedragingen die samengaan met Anorexia Nervosa.

 

Bij Anorexia Nervosa zou het kunnen zijn dat het serotoninesysteem ontregelt is, en er constant te veel serotonine in de hersenen actief is. Aangezien weinig serotonine ervoor zorgt dat je trek krijgt, wordt die trek onderdrukt bij te veel serotonine. Je eet dan minder dan normale mensen zodat te veel serotonine er automatisch voor zorgt dat je afvalt.


Ook wordt je stemming beïnvloed door de ontregeling van het serotoninesysteem. Dit is ook het geval bij stemmingsstoornissen.


Bron: Klinische psychologie Theorieën en psychopathologie - H. T. van der Molen, S. Perreijn & M. A. van den Hout



Categories

Upcoming Events

No upcoming events

Featured Etsy Items

No featured products.